Hoofdtekst
Als eenige rechters 10 à 12 boeven hadden gevonnist en de klock al over elven was, stonden sij lang en hacquetteerden of sij een dief één of twee ooren souden afsnijden. R. 'Hey, hey, heer president, laet ons een eynde daervan maecken. 't Is nu op een oor na gevilt en wij souden onse schoone maeltijt verpraeten.' R. 'Fiat, knipt se allebey af.'
Beschrijving
Enkele rechters hebben tien à twaalf boeven veroordeeld. Inmiddels is het al over elven en nog steeds waren zij uitgebreid aan het overleggen of ze de dieven nu een of beide oren zouden afsnijden. De veroordeelden raken ongeduldig en roepen de voorzitter toe dat ze even moeten beslissen. De zaak is nu 'op een oor na' rond (de zaak is bijna rond) en zo de tijd verdoende, zullen ze nog een goede maaltijd mislopen omdat ze de tijd verkletsen. Waarop de rechters de knoop doorhakken: dan beide oren er maar af.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991.
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20