Hoofdtekst
Een seer vet edelman trouwde met een staetjoffer van de princesse van Orange. Hij om sijn vetticheyt kost sijn dingen niet doen. Sij dat siende, wist dat fray met het lijf daernae te buygen en hier en daer een kussen te leggen, te helpen, soodat alles wel ging. 'Waer duyvel', seyde hij, 'hebt ghij dat geleert?' 'Ho, ho', antwoorde sij, 'wat isser dat men niet te hooff en leert.'
Beschrijving
Een bijzonder dikke edelman trouwt met een dame uit het gevolg van de prinses van Oranje. Vanwege zijn corpulentie is hij niet in staat om de huwelijksdaad te verrichten. Zijn echtgenote weet daar wel wat op. Zij zet haar eigen lenige lichaam in en door hier en daar een kussen neer te leggen, krijgt ze het voor elkaar om het lijf zo te positioneren dat hij de liefde toch kan bedrijven. De man vraagt zich af waar zij dat geleerd heeft. De vrouw antwoordt dat er niet veel is dat men aan het hof niet leert.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991.
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Naam Locatie in Tekst
Prinses van Oranje   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
