Hoofdtekst
Eenige vrienden, buyten op een dorp vrolijck wesende daer een braeve boerinne diende, raeckten wat in een diep gelach. Een van haer seyde: 'Wat hoeven wij stuck voor stuck te betaelen, geef mij elck sijn gelach, ick sal de waerd tevrede stellen.' 't Geschiede soo. De fiel nam de tijt waer, dat de meydt de beesten in de stal moest gaen versorgen. Hij haer nae en na veel biddens om een vrientschap tevergeefs, bood hij haer een handvol gelds (die hij voor 't gelag ontfangen hadde). Teuntje, soo schoonen stuyver in haer macht siende, liet geen gelegentheyt verbij gaen. Hij sijn wil hebbende voldaen ging, na hij de meyt het geld gegeven hadde, na sijn mackers die hij ontrent de wagen vond. Sij gingen opsitten, den hospes eyschte geld. R. 'Hospes, ik heb sooeven het gelag aen Teuntje betaelt.'
Onderwerp
AT 1420 - The Lover's Gift Regained   
ATU 1420 - The Lover’s Gift Regained   
Beschrijving
Enkele vrienden zijn in een dorpje in een herberg terecht gekomen, waar een leuk boerinnetje bedient. De vrienden nemen het ervan en uiteindelijk zegt een van de mannen dat de anderen hem het geld van de consumpties maar moeten geven, dan zal hij wel gaan afrekenen. De man wacht tot de serveerster de dieren gaat verzorgen in de stallen en gaat haar achterna. Hij wil even snel de liefde bedrijven en bedelt daar herhaaldelijk om, maar zij weigert. Daarop biedt de man haar geld aan, het geld dat hij voor de consumpties verzameld heeft. Daar heeft Teuntje wel oren naar en ze stemt toe. Als de man na de daad naar zijn makkers gaat en ze willen vertrekken, vraagt de waard om het geld. Dan zegt de man dat hij zojuist aan Teuntje heeft betaald.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991.
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
The lover's gift regained
Naam Overig in Tekst
Teuntje   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
