Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

OVER0884

Een mop (boek), derde kwart 17e eeuw

Hoofdtekst

De vent met de beerebijterij quam op de Valckenburger paerdemarckt, maer alsoo hij weynig te doen kreeg, sond hij sijn honden kort aen den eeten in een thuyn daer omtrent. Op drie uyren komt daer een vent voorbij gaen. R. 'Wat is hier te kijcken?' R. 'Die vermaerde beerebijterij, diergelijcke in 't Christenrijck niet meer te sien is en waerdig dat yder mensch een rijcxdaelder gaf. Wil je binnen treden, men sal datelijck beginnen.' R.'Dan soud' ick warachtigh mijn geld noch liever willen verdrincken, al je spel is guytterij. De beeren en honden kennen malkander en men heeft se beyderseyts soo wat tanden uytgebroocken etc.' R. 'Dat blijckt wel beter als sij vechten. Gaet maer binnen, vrienden, en siet het.' R. 'Kom an, is het degelijck spel, laet se een reys tegen mijn honden aengaen, om een rijcxdaelder in 't gelach.' R. 'lck ben bij mijn ziel tevrêen.' R. "t Is wel, ick gae se haelen.' R. 'Gae jij maer aen, mijn groeten duyvel sal se wel kraeuwen.' R. 'Neen, de groote moest er niet bij sijn, of ick schey er uyt.' R. 'Ick ben bijloo evenwel tevrêen tegens kleyne alleenig, maer dan moest er de bloedhond van Prins Maurits niet bij zijn.' R. 'O neen, dat is de vinnigste van allen.' R. 'Laet hem dan bij den ackermenten evenwel aenkomen, ick sal terwijl ghij uw honden haelt mijn kleyntjen een hartsterckingkje ingeven.' Onder dit kijven, schelden en blaeskaecken gins en weder vergaederden ontallijcke menschen, die op de wederkomst van den wedder wachten. Met als hij quam met snoeven en dreygen en een fors gesigt, drong er meenigte van menschen binnen, daer men stracks de beeren liet blaffen van honden en haer weer brommen van boeren hooren, soo dat het scheen dat sij elckander in een ommesien souden verscheuren, 'twelck het volck soo trock dat de plaets te kleyn wierdt, hoewel het eygentlijck niet meer was als deselfde beeren, honden en het spel als daegs te vooren, maer nu met snorckerijen wat geblancket.

Beschrijving

Een man komt met zijn berenbijt (een vermakelijkheid waarbij beren tegen honden vechten) op de paardenmarkt van Valkenburg. Hij heeft echter weinig bekijks. 's Middags informeert er iemand wat er bij hem te doen is. De man prijst zijn fascinerende en geweldige attractie aan, maar de voorbijganger heeft in eerste instantie geen interesse. Allemaal doorgestoken kaart, zo spectaculair is het niet, is de reactie van de passant. Hij heeft wel een ander voorstel: de beren van de kermisklant moeten eens tegen zijn honden vechten, om een rijksdaalder in een drinkgelegenheid. Dat neemt de kermisklant aan. Dan volgt er geharrewar over de voorwaarden: de uitdager wil dat de grote beer niet medoet, maar dan wil de kermisklant niet dat de grote hond meedoet, etc. etc. Op dat geharrewar komt nogal wat volk af en als de uitdager dan met zijn honden komt, staat het volk rijen dik te wachten. De verteller constateert nuchter dat de plaats te klein is om alle geïnteresseerden te bergen, hoewel het spel eigenlijk precies hetzelfde is als gisteren, met dezelfde honden en beren. Alleen is dat nu door de nodige grootspraak en snoeverij wat spannender gemaakt.

Bron

Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991.

Commentaar

Derde kwart zeventiende eeuw

Naam Overig in Tekst

Christenrijk (Christenrijck)    Christenrijk (Christenrijck)   

rijcxdaalder    rijcxdaalder   

Prins Maurits    Prins Maurits   

Naam Locatie in Tekst

Valkenburg    Valkenburg   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20