Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

OVER0898

Een mop (boek), derde kwart 17e eeuw

Hoofdtekst

Tot Swammerdam kregen sij een van haere medeboeren gevangen, dien in een geesseling condemneerden. De diefleyder, die het werck doen moest excuseerde sich, also de misdadiger een oude kennis van hem was. 'Wel', seyden schepenen, als wij u excuseeren, wie sal het dan doen?' R. 'Ick maeck mij sterck van een man in mijn plaets te stellen ende dat binnen 24 uyren.' R. 'Dan sult gij verschoont werden.' Hij ging 's avonts in een boeregelach en vertelde de saecke en beloofde met eenen een rijcxdaelder drinckgelt aen diegeene die het voor hem soude willen doen. Daer was een boer die trock se. Des anderendaegs, soo bragt hij desen boer, dien hij den patiënt niet genoemt hadde, maer die oock siende dat het een van sijn oude mackers was daer gansch niet aen wilde. Maer schepenen siende dat sij beswaerlijck yemand souden kennen krijgen, seyden tot den patiënt: 'Daer moet doch gegeesselt wesen, Louwtje, soud' gij Claes Bruijn, die daer voor u staet, niet wel willen geesselen als gij daermede vrij soudt zijn?' R. 'Ja ick, mijnheeren, uyt een goet hardt.' R. 'Daer souw jou de duyvel voor haelen, ick salder bij mijn ziel selver op hacken of ick u van mijn leven niet gekent hadde. Jou schelm, dien ick om oude vriendtschap niet hebbe willen kastijden. Jou schurk, jou dief, souwt gij mij willen geesselen etc.' De rechters hem soo gemoedigt siende, gaven de roeden over. Hij hackten er oock soo cordiael op, dat de rechters hem moesten gebieden op te houden, 'twelck hij dede, doch seer ongaern, want hij hadde den patiënt die als half gevilt was, soo ras niet weg gebracht, of hij quam tegens de rechters knorren. R. 'Wat schort u, Claes? Gij sijt niet wel tevreden.' R. 'Dat geloof ick wel, dat ghij mij in 't beste van 't spel gebiedt op te houden, want ick wiert er waerachtig eerst recht heet op.'

Beschrijving

In Zwammerdam wordt een van de bewoners gevangen genomen en veroordeeld tot een geseling. Degene die het vonnis zou moeten voltrekken, wil het niet doen omdat de veroordeelde een oude bekende van hem is. Er moet natuurlijk gestraft worden, dus de weigeraar komt overeen met de autoriteiten dat hij binnen 24 voor vervanging zal zorgen. Hij gaat daartoe naar een herberg, hij legt daar de zaak uit en belooft een rijksdaalder voor wie hem wil vervangen. Er is een boer die dat wel ziet zitten. Wat de boer niet weet, is dat degene die gestraft moet worden ook van hem een bekende is. Zo gauw de boer dat ziet, wil ook hij niet geselen. Omdat de schepenen toch willen dat er gegeseld wordt, draaien ze het maar om: zij vragen aan de veroordeelde of hij niet de man die voor hem staat, de boer dus, wil geselen. Dan zal hij daarna vrijgelaten worden. Dat wil de veroordeelde wel en dat leidt tot grote verontwaardiging bij de boer. Hij wilde de veroordeelde niet geselen vanwege een oude vriendschap en andersom heeft hij er geen problemen mee? De woedende boer geselt daarop de veroordeelde alsnog en dat gaat fors. De rechters moeten hem zelfs stoppen, en terwijl de gevangene meer dood dan levend wordt afgevoerd, moppert de boer tegen de rechters. Die vragen waarom hij zo ontevreden is. Daarop antwoordt hij dat hij het niks vindt dat ze hem hebben gestopt op het hoogtepunt; hij kwam pas net lekker op stoom.

Bron

Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991.

Commentaar

Derde kwart zeventiende eeuw
Diefleider: een ambtenaar die voor de schout wetsovertreders aanhoudt en vervolgens voorgeleidt (zie ook Woordenboek der Nederlandsche Taal, s.v. diefleider).

Naam Overig in Tekst

Swammerdam (Zwammerdam)    Swammerdam (Zwammerdam)   

rijcxdaelder (rijksdaalder) Louwtje    rijcxdaelder (rijksdaalder) Louwtje   

Claes (Klaas) Bruijn    Claes (Klaas) Bruijn   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20