Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

OVER0942

Een mop (boek), derde kwart 17e eeuw

Hoofdtekst

Een, die sijn wijf in de kraem quam, 2 weken nadat hij se getrouwt hadde. Hij ging nae een mandemaeker, vraegde hoeveel wiegen dat hij gereet hadde. R. 'Vijfthien.' R. 'Dat is te weynig.' R. 'Hoe soo?' R. 'Mijn wijf heb ik maer 14 dagen getrouwt gehadt en sij is in de kraem gekomen. Soo dat alle 14 daegen soo voortgaet, kan ik immers met geen 15 wiegen toe.'

Beschrijving

Een vrouw, die twee weken geleden getrouwd is, moet bevallen. De man gaat na een mandemaker en vraagt hem hoeveel wiegen hij klaar heeft. Vijftien, is het antwoord van de mandemaker. De klant laat weten dat dat te weinig is. Natuurlijk wil de ambachtsman graag weten waarom vijftien wiegen te weinig is. Het antwoord van de aanstaande vader: 'Ik ben nog maar veertien dagen getrouwd en mijn vrouw moet nu al bevallen. Als dat elke twee weken gaat gebeuren, heb ik niet genoeg aan vijftien wiegen.'

Bron

Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991.

Commentaar

Derde kwart zeventiende eeuw

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20