Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

COHEN024 - De Kamper Raadslieden

Een sage (boek), 1918

Hoofdtekst

De Kamper Raadslieden

Het was een koude winterdag, en bij den haard van het stadhuis
zaten de Kamper raadslieden tezamen, heel gezellig na lange en wijze
debatten over diverse resolutiën, welke op de burgers zouden worden
uitgestort. Men durfde eigenlijk niet goed heen te gaan: want de
vinnige Oostenwind had zelfs voor de raadsleden geen clementie over,
en men besloot nog wat te redeneeren over alles en nog wat.

"Wat een storm!" rilde een der raadsheeren. "'t Heeft vannacht harder
gevroren dan ik 't ooit gekend heb, en mijn vrouw's tante zegt, dat
het de strengste winter is, dien ze ooit heeft meegemaakt. En dat
wil wat zeggen, want ze wordt met 't voorjaar zeven en negentig jaar."

"Hu--," riep de burgemeester. "Laten we den bode roepen, opdat deze
nog wat houtblokken op de haard legge."

De bode werd geroepen. Hij kwam, en groette de edelachtbare heeren
met een zeer bijzondere reverentie, waaraan niemand eenige aandacht
schonk. Met een stem echter, of hij een veldheer ware, die bevel
geeft een lang belegerde veste te bestormen, riep de burgemeester:

"Wij hebben 't koud. Leg blokken op den haard."

Toen de blokken gebracht waren, en naar den eisch nederlagen op de
vlammen, om hun vonnis te ondergaan, schikten de wijze raadslieden
nog dichterbij het vuur dan tot dusver. De zegenrijke hitte vleide
zich zoet over 't kippevel hunner armen, en de handen, welke wit van
de kou geweest waren, werden teeder-rood geroosterd.

"'t Is hier beter dan buiten," zei de burgemeester, en hij schoof
nog wat dichter naar voren, in den rug gevolgd door zijn raadsheeren.

"Dat is een waar woord," antwoordde het oudste raadslid.

"Dat zou ik denken," voegde er het jongste aan toe.

De burgemeester dacht een oogenblik na. Eindelijk sprak hij:

"Buiten gaatje de wind door merg en been." 't Oudste raadslid zuchtte.

"Als 't maar weer voorjaar wordt," en zijn buurman peinsde luid:

"Hier zitten we gelukkig goed."

De burgemeester zette zijn zetel weder iets meer vlammenwaarts, en de
wijze raadslieden drongen met hem een paar duim op. De burgemeester
deed opmerken:

"Over een bevroren rivier kunnen de schepen ook niet varen." 't Oudste
raadslid was 't met hem eens.

"Sinds de rivier dicht is, komen er ook geen schepen meer aan." En
't jongste, de optimist van 't gezelschap, troostte:

"In den zomer zal de rivier wel weer open zijn."

Plotseling zwegen ze allen, en keken elkaar verschrikt aan. Er was
brandlucht. De bode werd geroepen, en de burgemeester vroeg:

"Is er brand hier in de buurt?"

"Neen," zei de bode, "maar met oorlof der edele heeren is
burgemeester's pantalon aan 't schroeien."

"'t Is goed, we zullen hierover beraadslagen."

Langen tijd dacht men over 't geval na. Het kwam niet te pas, dat het
vuur zoo vermetel was, om de broek van den Kampenschen magistraat aan
te tasten. Doch hoe kon men dit verhelpen? Niemand durfde een woord
te spreken, totdat de burgemeester zijn oordeel had gezegd.

"Edele heeren van den raad dezer stad," sprak deze eindelijk, "de
zaak is van een bijzonder perikel. Ik, uw burgemeester, ken slechts
één middel, om het kwaad te verhelpen."

Met spanning wachtte en luisterde men.

"Edele heeren van den raad dezer stad .... De schoorsteen moet naar
achteren worden gebouwd. Wanneer dit is geschied, zullen wij voortaan
van de vlammen geen last meer hebben."

En aldus werd met veel bijval besloten.

Onderwerp

AT 1325A - The Fireplace Gives too Much Heat    AT 1325A - The Fireplace Gives too Much Heat   

ATU 1325A - The Fireplace Gives Too Much Heat.    ATU 1325A - The Fireplace Gives Too Much Heat.   

Beschrijving

De Burgemeester en zijn raadslieden van Kampen zitten op een koude winterdag bij de haard van het stadhuis. Vanwege het slechte weer werd besloten te blijven en de haard nog wat op te stoken. Als ze een brandlucht ruiken wordt de bode geroepen. Deze ziet dat de pantalon van de burgemeester is geschroeid. Na lange beraadslaging is de oplossing dat de schoorsteen naar achteren moet, zodat ze geen last meer hebben van de vlammen.

Bron

Cohen, Josef. Nederlandsche Sagen en Legenden. Zutphen, 1918. p.130

Commentaar

1918
DE KAMPER RAADSLIEDEN (blz. 130-132). Één der Kamper uien. Ik meende
deze ook als "voorbeeld" in dezen bundel op te nemen.
Opmerkingen overgenomen uit:Cohen, Josef. Nederlandsche Sagen en Legenden. Zutphen, 1918.
The Fireplace Gives Too Much Heat

Naam Overig in Tekst

Oostenwind    Oostenwind   

Naam Locatie in Tekst

Kamper    Kamper   

Kampen    Kampen   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20