Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

DEVOOYS067

Een exempel (boek), 1463

Hoofdtekst

Exempel Het waren up eenen tijt een paer volcs, een goet man ende een eerbaer vrauwe in huwelicke. Ende en hadden maer een kint, eenen eenighen sone, ende sochten om een goet huwelic te doene. Ende vonden eens goet mans dochter, ende hiesschense te huwelicke om haren sone. Men wilde de dochter niet consenteren, ten ware dat sij haren sone veel goets ghaven te huwelicke. Sij seiden tot haren sone dat sij hem lief hadden, ende dat sij hem al haer lieder goet up draghen souden, ende hij saude hem lieden hauden. Sij sauden gaen huut ende in, ende dienen onsen heere, ende en hebben niet vele te besurchghene in haer houde daghen, dat sij dan mochten ghemac hebben ende leven aldus in groeten payse. De sone belofdet hem lieden te houdene. Hij trac te huwelicke. Als sij een poese in huwelicke gheweest hadden, so wart vader ende moeder de onweertste vanden huus, ende dat sonderlinghe metten wive. Sou begheerde an haren man dat men hem lieden een huus hueren soude: sou en conste hem lieden alden dach niet ghesien, ende seide men soude hem lieden ghenouch doen hebben. Daer wart een huus ghehuert. Sij ghingher in wonen, ende men dede hem lieden dat sij van noede hadden, harde soberlic, so dat sij aermelic ghededen. Up eenen tijt so vernam de moeder dat thaer soons goede spise saude bereet sijn. Sou seit haren man, ende seide: „Gaet daer heten. Ic en ghever niet omme. Ic sal lichte ghedoen". Hij ghinc daer waert. Hij clopte. Men lieten in. Also saen als de sone gheware wart dat sijn vader daer was, hij dede de spise besteden. De vader quam in; de sone vraechde wat hem gheliefde. De vader seide: „Ic comme met hu heten. Ic meene dat ghij wat goets bereet hebt". De sone seide: „Seker vader, hier en es niet goets bereet". De vader ghinc wech, De sone dede de versche spise voert bringhen, die hij hadde doen bereeden. Ende deerste mont vul die hij sneet, waende hij in sinen mont steken. Het verkeerde in een leelicke groete padde, ende slouch haer voer voeten boven an sinen mont, ende bleef also metten live an sinen mont hanghende. Hij wart vullic peinsende dat wrake was. Men conste niet af vercrighen, wat mer toe dede. Hij sant om den eertschen dyake ende ghincker af te biechten. De biechtheere stelde hem in penitenciën, dat hij saude gaen in midden de stede, ende datmen alle de kinderen vergaderen saude, dat sij de wrake sauden sien, om exempel daer an te nemen dat sij goet sauden sijn ieghen vader ende moeder. Ende wanneer dat de man hat, so moeste de padde met heten. Ende als de padde niet ghenouch gheten en hadde, so dause hem so stijf, dat hij niet ghedureren en conste, men moeste haer weder spijse doen hebben, tot dat sou ghenouch gheten hadde. Dese padde bleef alteens an sinen mont hanghende. Hij drouchse wel XIII iaer. Menich mensche sachse. Hij was te parijs ghesien metter padde an sinen mont hanghende.

Beschrijving

Een man en vrouw hadden een zoon. Zij zochten een goede vrouw voor hem met wie hij zou gaan trouwen. Het huwelijk zou alleen worden voltrokken als de ouders hun zoon veel goeds gaven. Toen de zoon een tijdje was getrouwd ging de vader bij zijn zoon eten. Tijdens het eten kreeg hij een pad, die half uit zijn mond bleef hangen. Dit was de wraak, omdat de ouders niet hadden gegeven wat zij hadden beloofd. De man ging biechten en kreeg de opdracht goed te zorgen en dan zou de pad verwijderd worden. Wel dertien jaar bleef die pad daar hangen.

Bron

De Vooys, C.G.N., Middelnederlandse stichtelijke exempelen, Zwolle 1953, pagina 45-46

Commentaar

1463

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20