Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

JCOHEN61 - De Houtduif en de Ekster

Een sage (boek), 1919

Hoofdtekst

De houtduif en de ekster.

Er was eens een houtduif, die een nest probeerde
te maken met haar man, maar echte verkwisters
zijn de houtduiven: ze slepen wel takjes aan,
doch de echte. degelijke zuinigheid, om het nest te
bouwen, zit er niet in. Ze waren al een heele poos verloofd,
en ze kregen nu wel zin, om te trouwen. Tantes en ooms
echter zeiden:
"Wij hebben ondervinding van het leven! Dat is lang
niet gemakkelijk! Met idealen alleen kom je er niet. Maak
't liever af, als je geen nest kunt bouwen, dan het licht-
zinnig te beginnen. Waar armoe is, gaat de liefde 't nest uit."
"Allemaal mooi en wel", antwoordde de houtdoffer,
"maar we houden nu eenmaal van elkaar, en we hebben
elkander ons woord gegeven. Wat ik zonder mijn duifke
zou moeten beginnen, durf ik eenvoudig niet te denken".
"Ja,ja," zei een tante ontroerd, "jullie zijn echt ver-
liefde tortels. 't Zou zonde wezen". Toen sprak een ernstige
oom: "vraag 't mijnheer en mevrouw Snapgraag, hier
naast.....die hebben een keurig nest gevlochten, tegen
wind en weer bestand. Zij zullen je de inlichtingen zeker
niet weigeren".
"Dat zal ik doen!" riep de jonge doffer blijde en
dadelijk vloog hij naar den ekster. Mevrouw was uit.
"Mijnheer Snapgraag!" boog hij, "u kunt me een
grooten dienst bewijzen. Wilt u mij eens laten zien, hoe
u een nest bouwt? Ik ben namelijk verloofd, ziet u!"
"Ja, ja," antwoordde de ekster, "dat heb ik vaak gezien
en heel veel maal heb ik tegen mijn vrouw gezegd: "dat
lijkt me een echt-gelukkig stel. Ik heb u vaak zien minne-
koozen. Niets geen kwaad, mijnheer! Jonge lui, niet waar?
De jeugd van tegenwoordig is zoo. Die denkt er niet aan,
dat op een verloving het huwelijk moet volgen, en op het
spel de ernst. Ik heb 't indertijd heel anders aangepakt!
Geen verwijt, hoor. Maar de waarheid wil ook wel eens
gezegd worden! Toen ik tegen mijn meisje zei: "ik heb
je lief!" och, toen wist ik al, wat nestbouwen beteekent,
en zij wist 't ook wel, want ze had een goede, een dergelijke,
ik mag wel zeggen een burgerlijke opvoeding genoten.
Ze kende 't leven van eieren-leggen tot leeren-vliegen toe.
afijn! ik wil u den bouw van een nest wel leeren, maar..."
"Maar?"
"Ja man, dat kost je je mooie, rooie koe, die ik daar
ginder zie grazen!"
"Mijnheer Snapgraag, 't is mijn eenigst bezit. Als ik
mijn roo koe verlies, houd ik niets meer over!"
"Dan maar sparen — dan maar sparen — beste doffer!


Hebben wij óók altijd gedaan.....We hebben heel wat
goud en zilver eerlijk gevonden en goed bewaard! Maar
u kunt niet van me vergen, dat ik u voor niets help.
Wetenschap moet betaald worden. Ik hoor tot de beste
bouwmeesters van de vogels."
'al goed", zuchtte de klant, "al goed, Je krijgt mijn
roode koe!"
"Dan opgepast!" En meteen begon de ekster te wijzen,
hoe men een nest moest vlechten: dit takje diende precies
te sluiten in dat, de holte moest goed plaats bieden voor
broedster en eieren, en ook niet te laag worden, opdat
de jonger er niet uit konden vallen. De plek, waar gebouwd
werd, was mede van belang. Denk aan de vele gevaren,
die legster en kroost bedreigen! Hij liet het den doffer
zien, dat een eenvoudige zaak de meest ingewikkelde is.
"Ja, ja...", knikte ten slotte de jonge bruidegom, "ik
zie goed toe. Nu moet ik 't zelf maar doen. Jij krijgt de
roo koe. De roo koe!"
Daarna vloog hij heen, en hij vertelde ademloos zijn
glansoogig bruidje, en zijn tantes en ooms, wat hij in zoo
korten tijd geleerd had. Een takje zoo — een takje zus —
en ook de plaats is van belang. ten slotte omhelsde het
jonge paar elkander, zooals alleen duiven dit vermogen.
De doffer zou den volgenden dag beginnen.
Maar......wat kwam er weinig van terecht! Moest het
een nest beteekenen? Het kon net zoo goed het spel van
den wind zijn, die door de takken van een boom vaart.
Het bruidje had den glans harer oogen verloren!
De doffer keek haar aan, smart in zijn blik.
"Roo koe! Roo koe!" riep hij.
Toen begreep ze, dat hij niet alleen klaagde om de
doelloosheid der lessen, doch tevens om het verspilde loon,
dat hij den sluwen ekster had betaald. En als ge door
't bosch wandelt, en luistert naar de houtduif, kunt ge het
steeda hooren, van den vroegen ochtend tot den laten avond.
"Roo koe! Roo koe! Roo koe! Roo koe!

Beschrijving

Er was eens een houtduif, die een nest probeerde te maken met haar man. Omdat het niet lukt om een mooi nest te malen, krijgen ze het advies, advies te vragen aan meneer en mevrouw Snapgraag. meneer snapgraag, een Ekster wil de houtduif wel leren hoe je een nest moet bouwen, als wederdienst vraagt hij echter de mooie rooie koe die de duif bezit. De Ekster laat zien hoe de doffer een nest moet bouwen, waarop de duif hem de rooie koe geeft. Echter als de duif de volgende dag zelf probeert een nest te maken lukt het hem nog steeds niet. Vanaf die dag hoor je de houtduif van 's morgens tot 's avonds om zijn rooie koe roepen. hiermee klaagt hij niet alleen over de doelloosheid der lessen, doch tevens om het verspilde loon dat hij de sluwe ekster heeft betaald. "Rook koe! Roo koe!

Bron

J. Cohen. Nederlandsche Sagen en Legenden II. Zutphen, 1919. p.306

Commentaar

1919

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20