Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

JCOHEN76 - Arm Dokkum

Een sage (boek), 1919

Hoofdtekst

ARM DOKKUM.

Vroeger waren er twee klokken in Dokkum, die beide een menschelijke stem hadden in de stilte van den avond. Dc eene klok was treurig, en schreide:
,,Arm Dok kum! Arm Dok kum!" Zoodra de tweede klok dit hoorde, wilde ze troosten, en ze zocht vergeefs naar woorden, om de smart harer vriendin te lenigen. Elken avond kionk haar antwoord, berustend: ,,Kan ik 't hel pén? Kan ik 't hel pèn?"
De goede Dokkumers luisterden naar de medelijdende en de geduldige kiok, en iederen dag werden ze triester en triester. Hun stadje was zóó poover, dat de kiepel boven in den toren bet uitammerde tegen het sidderende brons. Ze keken bun beurzen na, en zilver blonk daar weinig in, en goud nooit. Toen de Raad van Dokkum, éen college, dat met den Raad van Kampen kan wedijveren in verstand en door¬zicht, vergaderde over de middelen, welke moesten worden aangewend, om de armoede uit de stad te verjagen, opdat ze nimmer wederkeeren zoude, waren alle inwoners vóór 't raadhuis samengestroomd. De paling kon gerust wezen, want de visscher wierp then dag geen aas nit. De koeien werden niet gemolken, daar de meiden en de knechts we1 vat anders hadden te doen. Het deeg werd niet gekneed, omdat de voeten van den bakker niet in den trog stonden, doch vóór 't raadhuis. Het eenige paard liep kreupel, zoolang de hoefsmid het voorbeeld van den bakker volgde. Kortom! het bedrijfsleven van Dokkum stond stil, terwijl het staat¬kundig leven zich in de raadzaal, gelijk een lelie uit haar knop, ontplooide. De burgemeester sloeg met den hamer en gaf 't woord aan bet oüdste raadslid. ,,Mijnheer de burgemeester en edele heeren van deze vroedschap", zei deze, ,,'t is waar, dat Dokkum arm is, en dat wij geen duit hebben, laat staan een gulden. Aangezien ik in mijn leven heb ontdekt, dat rijke menschen we! gemakkelijk arm, doch arme menschen niet gemakkelijk rijk kunnen worden, zeg ik, dat wij vanmiddag een harde noot hebben te kraken. De vraag komt in 't kort hierop neer, als ik 't wel begrijp: "Dokkum heeft geen geld, en hoe krijgen we dit?" Mijn raad is: ,,wij verkoopen de kerk. "De kerk?" riep 't jongste raadslid, "maar hoe moeten ik en mijn vrouw dan 's Zondags naar de kerk gaan, als er geen kerk is?"
,,Ook dat heb ik overlegd. Wij verkoopen niet 't bovenste deel van de kerk, maar alleen 't onderste voor afbraak! 't Bovenste stuk moet blijven staan!"
Toen klonk er algemeen applaus, en de burgemeester stelde zich voor 't raadhuis, om den volke het wijs besluit mede to deelen. Het gejuich hield niet op, en langen tijd tijd duurde het, voor de paling weer word gevangen, en de koeien gemolken en het brood gebakken en hot paard beslagen. Arm Dokkum zou in rijk Dokkum veranderen.
Dien avond luisterde men méér naar de klokken dan anders. Thans zouden ze wel met een andere stem spreken, on juichen over 't lot der stad. "Stil!" zeide men, toen de eene klok begon. Daar ving ze in haar genadeloos medelijden te klagen, iedere letter¬greep accentueerend, gelijk een kind, dat leert lezen:
,,Arm Dok kum! Arm Dok kum!"
En nauwelijks had haar zuster dit gehoord, in de verte, of berustend als een nonneke, dat heeft ondervonden, hoe alle menschelijke strijd vergeefs is, antwoordde ze:
,,Kan ik 't hel pèn! Kan ik 't hel pèn!"
In den geest der Dokkumers drong op dat oogenblik reeds vaag de gedachte door, dat de wijze vroedschap ditmaal had gefaald, en dat men niet alleen 't onderste stuk van een kerk kan verkoopen zonder dat ook 't bovenste, helaas! in gruizelementen valt.

Beschrijving

Vroeger waren er twee klokken in Dokkum, die beide anders luidden. De ene riep: Arm Dokkum! Arm Dokkum!". De tweede antwoordde vervolgens "Kan ik het Helpen!". De raad van Dokkum probeert een oplossing te vinden om de stad Dokkum te verreiken. Ze besluiten het 'onderste' gedeelte van de kerk te verkopen. 's Avonds wachten de bewoners vol verwachting op het luiden van de klokken, omdat deze nu wel zullen juichen over het lot van de stad. Maar de klokken spreken nog steeds over arm Dokkum. Dan bedenken de bewoners pas dat de raad heeft gefaald, als men het onderste stuk van de kerk verkoopt, valt natuurlijk ook het bovenste deel in gruzelementen!

Bron

J. Cohen. Nederlandsche Sagen en Legenden II. Zutphen, 1919. p. 363

Commentaar

1919

Naam Locatie in Tekst

Dokkum    Dokkum   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20