Hoofdtekst
Van den hostie, waaruit te Meerssem bloed en water vloeide, toen in den kelk de vloeistof ontbrak.
De abdij van Sint Remigius in de stad Reims bezat te Meerssen bij Maastricht een groot allodiaalgoed, waarheen steeds vier monniken waren afgevaardigd, om daar de H.H. Diensten te vieren en de tienden en cijnzen van de abdij te Innen en te verrekenen. Toen een dezer monniken op zekeren dag de H. Mis wilde gaan lezen, verzuimde hij water en wijn in den kelk te gieten. Toen hij nu gekomen was aan de Kruisteekens voor het Onze Vader en hij, na den kelk ontdekt te hebben, daarin geen vloeistof bemerkte, schrok hij en werd bovenmate bedroefd. In zijn vertwijfeling klopte hij onder tallooze verzuchtingen aan bij Gods barmhartigheid, en nu weerklonk van boven een stem: "Uw gebed is verhoord". Hierdoor gerustgesteld, voleindigde hij het overige op de gewone wijze, brak de hostie, liet een partikel er van in den leegen kelk vallen, en zie! Christus, die de kracht en de wijsheid Gods is, die aan het kruis uit Zijn dood lichaam bloed en water heeft laten vloeien tegen de natuur, bracht uit Zijn sacramentaal en onsterfelijk lichaam in strijd met de gewone orde, bloed en water voort.
Evenals het bloed gudst uit doorgesneden aderen, zoo stroomde voor de oogen van den priester uit diezelfde partikel op twee plaatsen ook tweeerlei soort van vloeistof. Immers men zag er niet de gedaante van wijn, maar van menschelijk bloed. Toen nu het bloed, rijkelijk vloeiend uit het brood, een derde van den kelk had gevuld, bleef het staan. Innig verblijd op het gezicht van dit wonder, nuttigde de priester een gedeelte, het overige toonde hij met het Sacrament des Lichaams na het einde der Mis aan de omstanders. Daarna besloten deskundigen den kelk met de vloeistof te verzegelen, wat dan ook is gebeurd. Toen een paar jaren later Konraad van Urach, bisschop van Porto en legaat van den Apostolischen Stoel, door deze streken reisde, werd hij door bedoelde broeders ontboden en berichtten deze hem stuk voor stuk, wat er was gebeurd. Hij wenschte hen met zulk een heerlijk mirakel geluk en beval het zegel te verbreken en voor al degenen, die zouden komen en het bloed zouden willen zien, dit gedurende acht dagen tot getuigenis van het christelijk geloof ten toon te stellen; dit gebeurde. Het was purperrood van kleur en door den langen duur dikker geworden, daar het zich immers reeds twee jaar in den kelk had bevonden, Nu echter is het weer verzegeld.
De abdij van Sint Remigius in de stad Reims bezat te Meerssen bij Maastricht een groot allodiaalgoed, waarheen steeds vier monniken waren afgevaardigd, om daar de H.H. Diensten te vieren en de tienden en cijnzen van de abdij te Innen en te verrekenen. Toen een dezer monniken op zekeren dag de H. Mis wilde gaan lezen, verzuimde hij water en wijn in den kelk te gieten. Toen hij nu gekomen was aan de Kruisteekens voor het Onze Vader en hij, na den kelk ontdekt te hebben, daarin geen vloeistof bemerkte, schrok hij en werd bovenmate bedroefd. In zijn vertwijfeling klopte hij onder tallooze verzuchtingen aan bij Gods barmhartigheid, en nu weerklonk van boven een stem: "Uw gebed is verhoord". Hierdoor gerustgesteld, voleindigde hij het overige op de gewone wijze, brak de hostie, liet een partikel er van in den leegen kelk vallen, en zie! Christus, die de kracht en de wijsheid Gods is, die aan het kruis uit Zijn dood lichaam bloed en water heeft laten vloeien tegen de natuur, bracht uit Zijn sacramentaal en onsterfelijk lichaam in strijd met de gewone orde, bloed en water voort.
Evenals het bloed gudst uit doorgesneden aderen, zoo stroomde voor de oogen van den priester uit diezelfde partikel op twee plaatsen ook tweeerlei soort van vloeistof. Immers men zag er niet de gedaante van wijn, maar van menschelijk bloed. Toen nu het bloed, rijkelijk vloeiend uit het brood, een derde van den kelk had gevuld, bleef het staan. Innig verblijd op het gezicht van dit wonder, nuttigde de priester een gedeelte, het overige toonde hij met het Sacrament des Lichaams na het einde der Mis aan de omstanders. Daarna besloten deskundigen den kelk met de vloeistof te verzegelen, wat dan ook is gebeurd. Toen een paar jaren later Konraad van Urach, bisschop van Porto en legaat van den Apostolischen Stoel, door deze streken reisde, werd hij door bedoelde broeders ontboden en berichtten deze hem stuk voor stuk, wat er was gebeurd. Hij wenschte hen met zulk een heerlijk mirakel geluk en beval het zegel te verbreken en voor al degenen, die zouden komen en het bloed zouden willen zien, dit gedurende acht dagen tot getuigenis van het christelijk geloof ten toon te stellen; dit gebeurde. Het was purperrood van kleur en door den langen duur dikker geworden, daar het zich immers reeds twee jaar in den kelk had bevonden, Nu echter is het weer verzegeld.
Onderwerp
SINLEG 0225 - Die Hostie blutet.   
Beschrijving
Een priester verzuimt om water en wijn in de kelk te doen voor de heilige mis. Hij bid tot God om barmhartigheid. Dan hoort hij een stem dat zijn gebed is verhoord. Als hij het brood (de hostie) breekt vloeit er water en bloed uit en wordt de kelk gevuld. Een deel dronk hij en een deel toonde hij aan de kerkgangers nadat hij van het wonder had verteld. De kelk is daarna verzegeld.
Bron
Kemp, Pierre. Limburgs Sagenboek. Gebrs van Aelst. Maastricht, 1925. p. 30-31
Commentaar
1925
Dit verhaal over de hostie valt onder het hoofdstuk: Van kerken, kapellen en wonderbeelden.
Die Hostie blutet.
Naam Overig in Tekst
Remigius   
Christus   
Konraad van Urach   
Naam Locatie in Tekst
Reims   
Meerssen   
Maastricht   
Porto   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
