Hoofdtekst
DE WOLF EN HET SCHAAP.
Aan de genadenkapel onder de Linden te Thorn graasde een schaap, vastgelegd aan een paal. Opeens kwam er een wolf. Het schaap ziet hem, rijt in zijn angst den paal uit den grond en vlucht daarmede in de kapel, achtervolgd door den wolf. In zijn vlucht sleepte het schaap den paal mee, toen het door de kapel rondliep, om weg te komen en trok zoo bij het loopen uit de kapel met den paal de deur dicht. Zoo kon de wolf niet meer weg en werd hij door de bewoners uit den omtrek afgemaakt.
Aan de genadenkapel onder de Linden te Thorn graasde een schaap, vastgelegd aan een paal. Opeens kwam er een wolf. Het schaap ziet hem, rijt in zijn angst den paal uit den grond en vlucht daarmede in de kapel, achtervolgd door den wolf. In zijn vlucht sleepte het schaap den paal mee, toen het door de kapel rondliep, om weg te komen en trok zoo bij het loopen uit de kapel met den paal de deur dicht. Zoo kon de wolf niet meer weg en werd hij door de bewoners uit den omtrek afgemaakt.
Onderwerp
SINLEG 0066 - Wolf und Schaf (Ziege).   
Beschrijving
Aan de genadenkapel onder de Linden te Thorn graasde een schaap, vastgelegd aan een paal. Opeens kwam er een wolf. Het schaap ziet hem, trekt in zijn angst de paal uit de grond en vlucht daarmee in de kapel, achtervolgd door de wolf. In zijn vlucht sleepte het schaap de paal mee, toen het door de kapel rondliep, om weg te komen en trok zo bij het lopen uit de kapel met de paal de deur dicht. Zo kon de wolf niet meer weg en werd hij door de bewoners uit de omtrek afgemaakt.
Bron
Kemp, Pierre. Limburgs Sagenboek. Gebrs van Aelst. Maastricht, 1925. p. 36-37
Commentaar
1925
Dit verhaal over de wolf en het schaap valt onder het hoofdstuk: van kerken, kapellen en wonderbeelden.
Wolf und Schaf (Ziege)
Naam Locatie in Tekst
Linden   
Thorn   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
