Hoofdtekst
'Hoe komt het bij', seyde Augustijn, 'dat ons Heer de doven, blinden, stommen en lammen heeft geholpen, en niet eene geck heeft wijs gemaeckt?' R. 'Al die gij daer noemt hebben hem daerom gebeden en daer hadden de gecken geen verstant genoeg toe.'
Beschrijving
'Hoe komt het, vroeg Augustijn zich af, 'dat onze Heer de doven, blinden, stommen en lammen heeft geholpen, en niet een gek wijs gemaakt?'
Antwoord: 'Al die gij daar noemt, hebben hem daarom gebeden en daar hadden de gek niet genoeg verstand voor.'
Antwoord: 'Al die gij daar noemt, hebben hem daarom gebeden en daar hadden de gek niet genoeg verstand voor.'
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991.
Commentaar
derde kwart 17e eeuw
Naam Overig in Tekst
Augustijn   
Heer   
God   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
