Hoofdtekst
"De mensen zeggen dat Kancil, het dwerghert, een heel slim beest is. Hij maakt zich snel uit de voeten, met zijn potloodpootjes. "Ze zeggen dat ik een dondersteen ben, een fantast, een opschepper!"
Op een nacht, want Kancil leeft alleen 's nachts, wandelde hij door het bos.
"Hee slak, luie slak! Hee...wacht!"
"Eerbied voor mij. Ik ben de koning der slakken!
"Hahaha, hij zegt dat hij koning is! Waarom draagt een koning een huis op z'n rug? Je bent niets!"
"Oh nee? Ik durf te wedden dat jij niet langs de Kali durft te lopen!" De Kali, dat is een rivier.
"Hahaha! Jij?....Zo'n klein etterbakje?"
"Morgennacht om precies twaalf uur begint onze wedstrijd. Op deze zelfde plek rond de Kali-rivier!"
"Ik, met m'n dunne potloodpootjes...ik ben sneller! Haha!"
Om twaalf uur komt Kancil op de afgesproken plek. In de tussentijd heeft de slak alle slakken verteld van de wedstrijd tussen hem en Kancil. Hij roept alle slakken van heinde en ver op, om langs de Kali te gaan zitten...om de halve meter van het parcours gaat een slak zitten. Kancil weet dat natuurlijk niet.
"Hé slak...waar ben je?"
"Hier ben ik, voor je neus!"
Om twaalf uur precies is iedereen verzameld, langs de Kali.
"Zo...koning der slakken. Gaan we beginnen?"
1, 2..3...Kancil speurt als een...als een Kancil langs de Kali. Na een halve kilometer roept hij: "Hee, slak...waar ben je?" Iets voor zich hoort hij: "Hier ben ik!" Na weer een halve kilometer roept Kancil hetzelfde: "Slak, waar ben je?" Weer hoort hij voor zich: "Hier, hier ben ik!"
"Dit kan niet!" denkt Kancil. Hij speurt en speurt langs de Kali. Na een kilometer roept Kancil: "Waar ben je, slak?"
Iets voor zich hoort hij weer: "Hier ben ik!" Kancil wordt er moedeloos van.
Hij rent en rent. En als Kancil over de finish is aangekomen, komt hij slak tegen: "Ik sta hier al een paar minuten te wachten!"
"Hoe kan dat nou? Dat kan niet! Ik wil nóg een keer!"
"Oké, prima", zegt de slak. "Maar ben je dan niet moe?"
"Ik...? Nee hoor! Hoe kom je er bij?!"
En weer rent Kancil en roept hij om de kilometer: "Waar ben je, slak?"
"Voor je neus!" roept de slak telkens weer.
En weer verliest Kancil de wedstrijd.
"Dat heb je ervan als je zo opschept! Je had nooit zo slecht over de slak mogen spreken!" zegt de slak.
Nog nooit had Kancil zich zo geschaamd. Van schaamte verborg hij zich achter een struik."
Op een nacht, want Kancil leeft alleen 's nachts, wandelde hij door het bos.
"Hee slak, luie slak! Hee...wacht!"
"Eerbied voor mij. Ik ben de koning der slakken!
"Hahaha, hij zegt dat hij koning is! Waarom draagt een koning een huis op z'n rug? Je bent niets!"
"Oh nee? Ik durf te wedden dat jij niet langs de Kali durft te lopen!" De Kali, dat is een rivier.
"Hahaha! Jij?....Zo'n klein etterbakje?"
"Morgennacht om precies twaalf uur begint onze wedstrijd. Op deze zelfde plek rond de Kali-rivier!"
"Ik, met m'n dunne potloodpootjes...ik ben sneller! Haha!"
Om twaalf uur komt Kancil op de afgesproken plek. In de tussentijd heeft de slak alle slakken verteld van de wedstrijd tussen hem en Kancil. Hij roept alle slakken van heinde en ver op, om langs de Kali te gaan zitten...om de halve meter van het parcours gaat een slak zitten. Kancil weet dat natuurlijk niet.
"Hé slak...waar ben je?"
"Hier ben ik, voor je neus!"
Om twaalf uur precies is iedereen verzameld, langs de Kali.
"Zo...koning der slakken. Gaan we beginnen?"
1, 2..3...Kancil speurt als een...als een Kancil langs de Kali. Na een halve kilometer roept hij: "Hee, slak...waar ben je?" Iets voor zich hoort hij: "Hier ben ik!" Na weer een halve kilometer roept Kancil hetzelfde: "Slak, waar ben je?" Weer hoort hij voor zich: "Hier, hier ben ik!"
"Dit kan niet!" denkt Kancil. Hij speurt en speurt langs de Kali. Na een kilometer roept Kancil: "Waar ben je, slak?"
Iets voor zich hoort hij weer: "Hier ben ik!" Kancil wordt er moedeloos van.
Hij rent en rent. En als Kancil over de finish is aangekomen, komt hij slak tegen: "Ik sta hier al een paar minuten te wachten!"
"Hoe kan dat nou? Dat kan niet! Ik wil nóg een keer!"
"Oké, prima", zegt de slak. "Maar ben je dan niet moe?"
"Ik...? Nee hoor! Hoe kom je er bij?!"
En weer rent Kancil en roept hij om de kilometer: "Waar ben je, slak?"
"Voor je neus!" roept de slak telkens weer.
En weer verliest Kancil de wedstrijd.
"Dat heb je ervan als je zo opschept! Je had nooit zo slecht over de slak mogen spreken!" zegt de slak.
Nog nooit had Kancil zich zo geschaamd. Van schaamte verborg hij zich achter een struik."
Onderwerp
AT 0275A* - Race between Hedgehog and Hare   
ATU 0275C - The Race between Hare and Hedgehog.   
Beschrijving
Het dwerghert Kancil schept op over zijn hardloopkunsten en maakt de koning der slakken belachelijk. Ze organiseren een wedstrijd langs de rivier de Kali. Wat Kancil niet weet is dat de koning der slakken om de zoveel meter een (bevriende) slak heeft neergezet. Kancil wordt er moedeloos van als hij denkt te zien dat de slak steeds sneller is. Uiteindelijk wint koning slak de wedstrijd, en Kancil verbergt zich van schaamte achter een struik.
Bron
Parafrase van een vertelling.
Commentaar
Vertelling tijdens het festival 'Verhalen van verre: vertellingen in Woord, Dans en Muziek: Horen, Zien en Meedoen' van IDEA en de vrouwenbibliotheek in Utrecht.
Zie 'Beeld' voor foto's van Nel Lekantompessy
Optekening akkoord bevonden 19 september 2006 via
e-mail
Zie 'Beeld' voor foto's van Nel Lekantompessy
Optekening akkoord bevonden 19 september 2006 via
Naam Overig in Tekst
Kancil   
Kantjil   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
