Hoofdtekst
In de kerk te Loppersum hangt in een kastje een haarvlecht waarvan het volgende wordt verteld.
Er leefde daar vroeger een dame, die zeer trots en schoon was. Ze was zeer ingenomen met haar zelf en vooral met haar blonde lokken. Menige jongeman die haar ten huwelijk vroeg werd afgewezen. Als ze er aan dacht dat het blonde kapsel waaraan ze iedere dag veel werk besteedde eenmaal in de aarde terecht zou komen, dan stroomden haar de tranen over de wangen. Toen zij eindelijk het einde voelde naderen was zij nog altijd ongerust over haar blonde schat. Zij verzocht haar vrienden haar na 't verscheiden de haren af te knippen en als een reliek te bewaren. Aan haar wens is voldaan en de haarlok is tot een waarschuwing voor schone meisjes in de kerk te Loppersum opgehangen.
Dit verhaal is door de dichter T. Raven bezongen in de Volksalmanak van 1846 en luidde als volgt:
Daar leefde ze eens, de trotsche schoone,
Die slechts haar eigen schoon aanbad;
Die menig rijk en braaf mans zone
Vergeefs tot haar aanbidder had.
Dan ach, wat meest haar kommer baarde
En 't harte stemde in wee en rouw
Was 't uitzicht, dat, o jammer, de aarde
Dien hairschat eens verslinden zou
"Gij vrienden aan mijn stervenssponde
Gij zijt het, wien 'k dien schat vertrouw
Och, dat men na mijn dood in 't ronde
Dien steeds als een reliek aanschouw."
Gij, die, in 't bloeyen uwer jaren
O Maagdlijn! boogt op lok of leest,
Denk dat die vlok vermolmde hairen
een zusterkroone eens is geweest.
Volgens de verteller (de heer J Rijkens) is er nog een andere lezing over de haarlok. Uit de kronieken blijkt dat er in 1480 een deel aan de kerk te Loppersum is gebouwd, dat de Mariakapel wordt genoemd. Zeer waarschijnlijk is die geschonken door vrouwe Thialdies. Deze dame had een schone blonde dochter genaamd Teta. Toen die Teta non was geworden moet ze haar blonde lokken als wijdingsgave aan de kerk hebben geschonken. Dit wordt verteld in de kloosterkronieken van Wittewierum.
Er leefde daar vroeger een dame, die zeer trots en schoon was. Ze was zeer ingenomen met haar zelf en vooral met haar blonde lokken. Menige jongeman die haar ten huwelijk vroeg werd afgewezen. Als ze er aan dacht dat het blonde kapsel waaraan ze iedere dag veel werk besteedde eenmaal in de aarde terecht zou komen, dan stroomden haar de tranen over de wangen. Toen zij eindelijk het einde voelde naderen was zij nog altijd ongerust over haar blonde schat. Zij verzocht haar vrienden haar na 't verscheiden de haren af te knippen en als een reliek te bewaren. Aan haar wens is voldaan en de haarlok is tot een waarschuwing voor schone meisjes in de kerk te Loppersum opgehangen.
Dit verhaal is door de dichter T. Raven bezongen in de Volksalmanak van 1846 en luidde als volgt:
Daar leefde ze eens, de trotsche schoone,
Die slechts haar eigen schoon aanbad;
Die menig rijk en braaf mans zone
Vergeefs tot haar aanbidder had.
Dan ach, wat meest haar kommer baarde
En 't harte stemde in wee en rouw
Was 't uitzicht, dat, o jammer, de aarde
Dien hairschat eens verslinden zou
"Gij vrienden aan mijn stervenssponde
Gij zijt het, wien 'k dien schat vertrouw
Och, dat men na mijn dood in 't ronde
Dien steeds als een reliek aanschouw."
Gij, die, in 't bloeyen uwer jaren
O Maagdlijn! boogt op lok of leest,
Denk dat die vlok vermolmde hairen
een zusterkroone eens is geweest.
Volgens de verteller (de heer J Rijkens) is er nog een andere lezing over de haarlok. Uit de kronieken blijkt dat er in 1480 een deel aan de kerk te Loppersum is gebouwd, dat de Mariakapel wordt genoemd. Zeer waarschijnlijk is die geschonken door vrouwe Thialdies. Deze dame had een schone blonde dochter genaamd Teta. Toen die Teta non was geworden moet ze haar blonde lokken als wijdingsgave aan de kerk hebben geschonken. Dit wordt verteld in de kloosterkronieken van Wittewierum.
Beschrijving
Versies over herkomst van de haarvlecht in de kerk van Loppersum.
Bron
Collectie Sportel, verslag 4, verhaal 4 (Archief Meertens Instituut)
Naam Overig in Tekst
T. Raven   
Mariakapel   
J. Rijkens   
Volksalmanak   
Teta   
Thialdies   
Naam Locatie in Tekst
Loppersum   
Wittewierum   
Plaats van Handelen
Loppersum   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
