Hoofdtekst
DE VRIJKOGEL.
(Oud-Valkenburg).
Op "gen Hoes" bij de kerk te Oud-Valkenburg woonde een baron en op ,,Schloen", niet ver daar vandaan, had een graaf zijn verblijf. De verstandhouding tusschen de beide groote heeren was niet van de beste. Zooals gewoonlijk droeg een jachtkwestie daarvan de schuld. Het gebeurde nu, dat tot tweemaal toe, kort na elkaar, de jager van den baron doodgeschoten werd gevonden in de bosschen. De baron besloot daarop, geen jager meer in dienst te nemen. Op zekeren dag bood zich echter een vreemdeling bij hem aan, die geweldig er op aandrong, als jager in dienst te worden genomen. Toen de baron antwoordde, dat hij het niet deed, omdat de twee laatste jagers doodgeschoten waren, zeide de vreemdeling: ,,O, daarvoor ben ik niet bang, als gij mij neemt, zal mij dat niet overkomen," Ten slotte liet de baron zich bepraten en stelde den vreemdeling als zijn jager aan.
Eenigen tijd later waren beiden op jacht in de bosschen tusschen Sibbe en Oud-Valkenburg. Plotseling hoorden zij een schot vallen op den Schaesberg aan de overzij in de bosschen van den graaf. De jager van den baron nam onmiddellijk zijn hoed af en ving op hetzelfde oogenblik een looden kogel daarin op. Vol verbazing zag de baron, hoe de jager daarop een kogel op zijn eigen geweer zette en dat afschoot, zeggende: "Die gaat naar zijn meester terug!" Daags daarna verspreidde zich in het dorp de treurmare, dat een van de jonge graven in bet bosch op den Schaesberg was gevonden, het hart door een kogel doorboord. Nu begreep de baron, dat een ,,vrijkogel" den dood van zijn jagers had veroorzaakt, maar tenslotte noodlottig was geworden voor degene, die daarvan gebruik had gemaakt, doordat die vreemdeling het geheim er van kende.
(Oud-Valkenburg).
Op "gen Hoes" bij de kerk te Oud-Valkenburg woonde een baron en op ,,Schloen", niet ver daar vandaan, had een graaf zijn verblijf. De verstandhouding tusschen de beide groote heeren was niet van de beste. Zooals gewoonlijk droeg een jachtkwestie daarvan de schuld. Het gebeurde nu, dat tot tweemaal toe, kort na elkaar, de jager van den baron doodgeschoten werd gevonden in de bosschen. De baron besloot daarop, geen jager meer in dienst te nemen. Op zekeren dag bood zich echter een vreemdeling bij hem aan, die geweldig er op aandrong, als jager in dienst te worden genomen. Toen de baron antwoordde, dat hij het niet deed, omdat de twee laatste jagers doodgeschoten waren, zeide de vreemdeling: ,,O, daarvoor ben ik niet bang, als gij mij neemt, zal mij dat niet overkomen," Ten slotte liet de baron zich bepraten en stelde den vreemdeling als zijn jager aan.
Eenigen tijd later waren beiden op jacht in de bosschen tusschen Sibbe en Oud-Valkenburg. Plotseling hoorden zij een schot vallen op den Schaesberg aan de overzij in de bosschen van den graaf. De jager van den baron nam onmiddellijk zijn hoed af en ving op hetzelfde oogenblik een looden kogel daarin op. Vol verbazing zag de baron, hoe de jager daarop een kogel op zijn eigen geweer zette en dat afschoot, zeggende: "Die gaat naar zijn meester terug!" Daags daarna verspreidde zich in het dorp de treurmare, dat een van de jonge graven in bet bosch op den Schaesberg was gevonden, het hart door een kogel doorboord. Nu begreep de baron, dat een ,,vrijkogel" den dood van zijn jagers had veroorzaakt, maar tenslotte noodlottig was geworden voor degene, die daarvan gebruik had gemaakt, doordat die vreemdeling het geheim er van kende.
Beschrijving
De nieuwe jager die de baron in dienst neemt, kent het geheim van de vrijkogel, waarmee alle vorige jagers werden neergeschoten.
Bron
Kemp, Pierre. Limburgs Sagenboek. Gebrs van Aelst. Maastricht, 1925.
Commentaar
1925
Dit verhaal is te vinden in het hoofdstuk 'Van toovenaars'.
Naam Overig in Tekst
Oud-Valkenburg   
gen Hoes   
Naam Locatie in Tekst
Schloen   
Sibbe   
Schaesberg   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
