Hoofdtekst
De vier muren
lemand die bekend stond om het vreselijke vloeken waaraan hij zich te buiten ging, kwam op zekere nacht tussen twaalf en een door de Kruisherengang te Maastricht. Hij vloekte ouder gewoonte als een ketter. Plotseling liep hij met het hoofd tegen een muur. Hij meende zich te hebben vergist en week rechts uit. Weer een muur; hij week naar links, weer een muur. 'Dan maar terug!' bromde hij en voegde er een krakende vloek aan toe. Toen hij zich omkeerde, liep hij ook naar die kant tegen een muur aan.
Nauwelijks echter was hij tussen de vier muren ingesloten, of hij kreeg slagen die een onzichtbaar wezen hem toebracht. Dit duurde tot het een uur sloeg. Toen verdwenen de vier muren en bleef de vloeker in een erbarmelijke toestand op de straat liggen.
Zodra hij weer wat bijkwam, kroop hij naar huis. 's Morgens vertelde hij zijn vrouw wat hem 's nachts was overkomen, waarop deze hem uitlachte. Tot bewijs liet hij haar nu de toppen van de vingers zien, die door het krabben om langs die muren weg te klauteren helemaal ontvleesd waren.
Na die tijd heeft hij niet meer gevloekt.
lemand die bekend stond om het vreselijke vloeken waaraan hij zich te buiten ging, kwam op zekere nacht tussen twaalf en een door de Kruisherengang te Maastricht. Hij vloekte ouder gewoonte als een ketter. Plotseling liep hij met het hoofd tegen een muur. Hij meende zich te hebben vergist en week rechts uit. Weer een muur; hij week naar links, weer een muur. 'Dan maar terug!' bromde hij en voegde er een krakende vloek aan toe. Toen hij zich omkeerde, liep hij ook naar die kant tegen een muur aan.
Nauwelijks echter was hij tussen de vier muren ingesloten, of hij kreeg slagen die een onzichtbaar wezen hem toebracht. Dit duurde tot het een uur sloeg. Toen verdwenen de vier muren en bleef de vloeker in een erbarmelijke toestand op de straat liggen.
Zodra hij weer wat bijkwam, kroop hij naar huis. 's Morgens vertelde hij zijn vrouw wat hem 's nachts was overkomen, waarop deze hem uitlachte. Tot bewijs liet hij haar nu de toppen van de vingers zien, die door het krabben om langs die muren weg te klauteren helemaal ontvleesd waren.
Na die tijd heeft hij niet meer gevloekt.
Beschrijving
Een vloekende man wordt in de Kruisherengang in Maastricht ingesloten, doordat ineens overal om hem heen alleen maar muren zijn. Een onzichtbaar wezen slaat hem tot hij er beroerd aan toe is. Dat gaat tot 1 uur 's nachts zo door. De man weet nadat hij bij is gekomen, te ontkomen. Sindsdien heeft hij niet meer gevloekt.
Bron
Kemp, Pierre. Limburgs Sagenboek. Gebrs van Aelst. Maastricht, 1925.
Herdruk: ca. 1970
Herdruk: ca. 1970
Commentaar
1925 (Herdruk ca. 1970)
Dit verhaal is te vinden in het hoofdstuk 'Van spokende dieren en dingen'.
Naam Overig in Tekst
Kruisherengang   
Naam Locatie in Tekst
Maastricht   
Datum Invoer
2013-03-01 12:26:09
