Hoofdtekst
Het bewijs van Pater Vink
Pater Vink 1) preekte een missie in de Sint-Matthiaskerk. In een van zijn preken verklaarde hij zijn toehoorders dat Luther en Calvijn verdoemd waren.
De protestanten die toen meester waren in Maastricht, achtten zich door zijn woorden ten zeerste beledigd en deden hun beklag bij de militaire overheid van de stad. Pater Vink moest nu voor de rechtbank verschijnen, ten einde over het al of niet verdoemd zijn van Luther en Calvijn te redetwisten. De protestantse heren stelden zich daarvan voor dat zij hem wel tot andere gedachten zouden brengen en dat hij alles daar wel weer zou herroepen.
Het uur van de dagvaarding was gekomen. De predikanten waren er al voor die tijd en hadden een karrevracht boeken voor het tribunaal bijeengebracht. Die moesten allemaal dienen om de beweringen van pater Vink te ontzenuwen en te verpletteren.
Pater Vink liet wat op zich wachten en de protestanten betreurden het al dat zij hem niet aan de kaak konden stellen.
Eindelijk, daar kwam pater Vink aan, precies op tijd, maar zonder een karrevracht boeken.
'Ha-ha!' spotten de protestanten, 'daar komt mijnheer zonder boeken!' Pater Vink deed of hij dat niet hoorde en het dispuut begon. Gelijk zou hij echter niet van hen krijgen en daarom voegde hij hun toe:
'Mij wilt gij toch niet geloven. Maar ik zal de duivel hier voor u laten komien en deze zal voor mij getuigen!'
De protestanten lachten hem uit.
Toen haalde pater Vink een klein boekje voor de dag en begon daar ijverig in te lezen. Nadat hij dat een poosje had gedaan, hoorden alle aanwezigen een gerammel van ketenen en opende zich plotseling een deur, die zij nog nooit gezien hadden, in een der wanden van de zaal. Uit deze deur trad nu de duivel, twee verdoemden, in ketenen geklonken, voortsleurend.
Te midden van de algemene ontzetting brulde de duivel tegen pater Vink: 'Wat moet gij van mij?'
'Laat die heren nu eens zien, wie gij daar bij u hebt!'
De dodelijk verschrikte protestanten moesten, of ze wilden of niet, de twee gedaanten aanzien en nu zagen zij dat het werkelijk Luther en Calvijn waren, door de duivel uit de hel gesleurd om voor de waarheid der woorden van pater Vink te getuigen.
De protestanten verzochten pater Vink echter om de verschijningen weer te doen verdwijnen.
Pater Vink antwoordde hun, heimelijk lachend: 'Ik, de mijnheer zonder boeken, bracht hen hier. Probeert gij met al uw boeken nu om de duive! en degene die bij hem zijn, weer weg te krijgen.'
Dc protestanten die wel wisten dat zij dat in geen eeuwigheid gedaan kregen, moesten zich gewonnen geven en verklaren, dat pater Vink gelijk had. Zij verzochten hem tevens aan de aanwezigheid van dat afschuwelijk drietal een einde te maken.
Ziende dat hij hen genoeg had gestraft, nam hij het kleine boekje weer en las nu de tekst van achteren naar voren. Toen hij het laatste woord had uitgesproken, verwijderden de duivel en de verdoemde ketters zich onder hels lawaai van de rammelende ketenen en het achterlaten van een afschuwelijke stank, weer door de geheimzinnige deur, die tegelijk met hen verdween.
1) Beticht van verraad en als gevolg daarvan de Juni 1638 op het Vrijthof te Maastricht onthoofd.
Pater Vink 1) preekte een missie in de Sint-Matthiaskerk. In een van zijn preken verklaarde hij zijn toehoorders dat Luther en Calvijn verdoemd waren.
De protestanten die toen meester waren in Maastricht, achtten zich door zijn woorden ten zeerste beledigd en deden hun beklag bij de militaire overheid van de stad. Pater Vink moest nu voor de rechtbank verschijnen, ten einde over het al of niet verdoemd zijn van Luther en Calvijn te redetwisten. De protestantse heren stelden zich daarvan voor dat zij hem wel tot andere gedachten zouden brengen en dat hij alles daar wel weer zou herroepen.
Het uur van de dagvaarding was gekomen. De predikanten waren er al voor die tijd en hadden een karrevracht boeken voor het tribunaal bijeengebracht. Die moesten allemaal dienen om de beweringen van pater Vink te ontzenuwen en te verpletteren.
Pater Vink liet wat op zich wachten en de protestanten betreurden het al dat zij hem niet aan de kaak konden stellen.
Eindelijk, daar kwam pater Vink aan, precies op tijd, maar zonder een karrevracht boeken.
'Ha-ha!' spotten de protestanten, 'daar komt mijnheer zonder boeken!' Pater Vink deed of hij dat niet hoorde en het dispuut begon. Gelijk zou hij echter niet van hen krijgen en daarom voegde hij hun toe:
'Mij wilt gij toch niet geloven. Maar ik zal de duivel hier voor u laten komien en deze zal voor mij getuigen!'
De protestanten lachten hem uit.
Toen haalde pater Vink een klein boekje voor de dag en begon daar ijverig in te lezen. Nadat hij dat een poosje had gedaan, hoorden alle aanwezigen een gerammel van ketenen en opende zich plotseling een deur, die zij nog nooit gezien hadden, in een der wanden van de zaal. Uit deze deur trad nu de duivel, twee verdoemden, in ketenen geklonken, voortsleurend.
Te midden van de algemene ontzetting brulde de duivel tegen pater Vink: 'Wat moet gij van mij?'
'Laat die heren nu eens zien, wie gij daar bij u hebt!'
De dodelijk verschrikte protestanten moesten, of ze wilden of niet, de twee gedaanten aanzien en nu zagen zij dat het werkelijk Luther en Calvijn waren, door de duivel uit de hel gesleurd om voor de waarheid der woorden van pater Vink te getuigen.
De protestanten verzochten pater Vink echter om de verschijningen weer te doen verdwijnen.
Pater Vink antwoordde hun, heimelijk lachend: 'Ik, de mijnheer zonder boeken, bracht hen hier. Probeert gij met al uw boeken nu om de duive! en degene die bij hem zijn, weer weg te krijgen.'
Dc protestanten die wel wisten dat zij dat in geen eeuwigheid gedaan kregen, moesten zich gewonnen geven en verklaren, dat pater Vink gelijk had. Zij verzochten hem tevens aan de aanwezigheid van dat afschuwelijk drietal een einde te maken.
Ziende dat hij hen genoeg had gestraft, nam hij het kleine boekje weer en las nu de tekst van achteren naar voren. Toen hij het laatste woord had uitgesproken, verwijderden de duivel en de verdoemde ketters zich onder hels lawaai van de rammelende ketenen en het achterlaten van een afschuwelijke stank, weer door de geheimzinnige deur, die tegelijk met hen verdween.
1) Beticht van verraad en als gevolg daarvan de Juni 1638 op het Vrijthof te Maastricht onthoofd.
Onderwerp
SINSAG 0694 - Zauberer ruft Luther und Calvin aus der Hölle empor.   
Beschrijving
Pater Vink predikt dat Luther en Calvijn verdoemd zijn. De protestanten willen hem hiervoor aanklagen, maar Pater Vink kan zijn gelijk bewijzen door met een bezwering de Duivel samen met Luther en Calvijn uit de hel halen.
Bron
Kemp, Pierre. Limburgs Sagenboek. Gebrs van Aelst. Maastricht, 1925.
Herdruk: ca. 1970
Herdruk: ca. 1970
Commentaar
1925 (Herdruk ca. 1970)
Dit verhaal is te vinden in het hoofdstuk 'Protestanten-sagen'.
Zauberer ruft Luther und Calvin aus der Hölle empor. Der Beweis des Paters.
Naam Overig in Tekst
Luther   
Calvijn   
Pater Vink   
Vrijthof   
Duivel   
Naam Locatie in Tekst
Sint-Matthiaskerk   
Maastricht   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
