Hoofdtekst
4.2.
Iedereen was bang voor Jan de Wijs.
Hij was op Hoogstroaten en doar moest ie geschoren worden en ie lei twee vijf-frangen op toafel.
'Dat is voor u' zee ie tegen de barbier, 'as ge me goed scheert, moar anders is dat voor u' en hij lei een revolver noast zich. 'As ik bloed zie, schiet ik oe voor de kop.'
De barbier durfde niet, moar 'n brakske zee: 'Ik doe het wel!'
Da' knechke scheert hem en hij kijkt direkt in de spiegel, moar d'r is geen bloed te zien. 'Hier, die frangen zijn veur oe, moar woarde nie' bang?'
'Nee meneer', zeej, 'as ik bloed gezien had, had ik oe de nek afgesneje.'
'Bravo manneke, zo wil ik het horen', zee Jan de Wijs.
Iedereen was bang voor Jan de Wijs.
Hij was op Hoogstroaten en doar moest ie geschoren worden en ie lei twee vijf-frangen op toafel.
'Dat is voor u' zee ie tegen de barbier, 'as ge me goed scheert, moar anders is dat voor u' en hij lei een revolver noast zich. 'As ik bloed zie, schiet ik oe voor de kop.'
De barbier durfde niet, moar 'n brakske zee: 'Ik doe het wel!'
Da' knechke scheert hem en hij kijkt direkt in de spiegel, moar d'r is geen bloed te zien. 'Hier, die frangen zijn veur oe, moar woarde nie' bang?'
'Nee meneer', zeej, 'as ik bloed gezien had, had ik oe de nek afgesneje.'
'Bravo manneke, zo wil ik het horen', zee Jan de Wijs.
Beschrijving
Jan de Wijs dreigt de barbier neer te schieten als er bloed te zien is bij het scheren. De kapper durft het niet aan, maar zijn knecht wel. Als Jan de Wijs hem vraagt of niet bang was, zegt de knecht dat als hij bloed had gezien hij hem de nek had afgesneden.
Bron
Willem de Blécourt. Volksverhalen uit Noord Brabant. Utrecht [etc.]: Het Spectrum,1980. p. 142-143
Motief
J625 - Prevention of hostilities by agreeing to demands while in danger.   
Commentaar
1980
Motief: vgl. J625. Prevention of hostilities by agreeing to demands while in danger.
NV VII: 44. Verteller: Franciscus van Rijckevorsel. Bewerking: Sinninghe 1974: 14-15 (no. 7).
4. Onderzoek naar overlevering. Verhalen vanuit Breda verzameld
Een greep uit de vele door J.R.W. Sinninghe verzamelde verhalen. Eerder gepubliceerd in Neerlands Volksleven VII (1957) en X (1960). Jacob Rudolph Willem Sinninghe werd geboren op 30 maart 1904 te Roermond. Hij studeerde twee jaar economie in Rotterdam, en was meer dan twintig jaar journalist. Thans woont hij te Breda.
Zijn hoeveelheid publikaties, voornamelijk op het gebied van volksverhalen, is nog steeds onovertroffen (zie o.a. de literatuuropgave). Voorts deed hij o.a. De Gelaarsde Gehangene het licht zien, een mede in Noord-Brabarit spelend verhaal met motieven uit volksverhalen (1945). Hoewel zijn werk door huidige volkskundigen als controversieel wordt beschouwd, moet hij gezien worden als een der grootste propagandisten van het Nederlandse volksverhaal gedurende de laatste vijftig jaar. (Zie verder de Inleiding.)
NV VII: 44. Verteller: Franciscus van Rijckevorsel. Bewerking: Sinninghe 1974: 14-15 (no. 7).
4. Onderzoek naar overlevering. Verhalen vanuit Breda verzameld
Een greep uit de vele door J.R.W. Sinninghe verzamelde verhalen. Eerder gepubliceerd in Neerlands Volksleven VII (1957) en X (1960). Jacob Rudolph Willem Sinninghe werd geboren op 30 maart 1904 te Roermond. Hij studeerde twee jaar economie in Rotterdam, en was meer dan twintig jaar journalist. Thans woont hij te Breda.
Zijn hoeveelheid publikaties, voornamelijk op het gebied van volksverhalen, is nog steeds onovertroffen (zie o.a. de literatuuropgave). Voorts deed hij o.a. De Gelaarsde Gehangene het licht zien, een mede in Noord-Brabarit spelend verhaal met motieven uit volksverhalen (1945). Hoewel zijn werk door huidige volkskundigen als controversieel wordt beschouwd, moet hij gezien worden als een der grootste propagandisten van het Nederlandse volksverhaal gedurende de laatste vijftig jaar. (Zie verder de Inleiding.)
Naam Overig in Tekst
Hoogstroaten   
Naam Locatie in Tekst
Hoogstraten   
Plaats van Handelen
Hoogstraten (België)   
Kloekenummer in tekst
K207   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
