Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

BLECOURTNB0297 - 4.16.

Een sage (boek), maandag 21 oktober 1957

Hoofdtekst

4.16.
En zo was ik in Princenhage, recht tegenover het Zuilens kerkhof, daar had ik kennissen wonen. Die man heette van Eil en die had een meisje in huis, al een meisje van een jaar of dertig, vijf-en-dertig: die had ie als kind aangenomen, toen ze nog jonk was. Zo doende wierd dat meisje niet met d'r eigen naar Betje Dirven genoemd, maar die wier altijd Betje van Eil genoemd. Naast Betje van Eil woonde de weduwe Bruinzeel - 't huisje staat er nog van Betjes en 't huisje van Bruinzeel staat er ook nog, recht tegenover het katholieke Zuilen, over het hek. En dan kwam die vrouw Bruinzeel veel bij Betje, want Betje gaf ze dan zo van alles wa' omdat 't een oud mens was, maar dan bracht ze d'r erdappelschillen daar naar toe. Betjes geit die kreeg natuurlijk die erdappelschillen en de melk van die geit gebruikte Betje, omdat ze niet al te sterk was, en na verloop van tijd wierd Betje ziek en die wis' geen raad en de dokter zee: 'ja, vrouw Bruinzeel zal oe wel hebben'.
Toen ging ze eerst naar de paters op 't end van de Leuvenaarstraat in Breda, daar staat zo'n paterinrichting, daar ging ze naar toe, en die zei tegen 'r: 'ja, ik kan oe nie' helpen, moa ge moet naar Eindhoven, naar de paters gaan', en toen ging ze naar Eindhoven.
Daar is de paterskerk. Die in Eindhoven bekend is, die ziet ze gauw genoeg, want daar staat zonen groten Lieven Heer boven op de kerk, mensen groter. Ze ging d'r naar toe; de paters onvingen ze natuurlijk vriendelijk. 'Ja, we kunnen oe wel helpen, maar ge moet een tijdje hier blijven.'
As ge nou aan de paterskerk links om draait, dempt de kanaal dei van Helmond komt en rechts voor die kanaal is een café: dat is natuurlijk bestemd voor die schippers die er allemaal aanleggen. Daar moes' Betje in pension gaan, tot ze beter was. Ze is er enne dag of tien geweest, en toen was ze beter, toen was ze van die hekserij verlost. Zo'n rond ding, zo'n heiligdom kreeg ze mee en nogal meer andere dingen - ik kan 't allemaal niet noemen - en as die vrouw Bruinzeel dan bij d'r kwam, dan moes' ze dat onder derren stoel gooien, dan kon ze nie' meer opstaan.
Goed. Betje goat naar huis en ze is nog maar amper thuis, of daar komt vrouw Bruinzeel aan. 'Wel Betje, wat heb ik oe toch gemist, wa' bende toch zo lange weg geweest'.
'Ja', zei Betje, 'ik ben lang weg geweest'.
'Waar bende toch naar toe geweest?'
'Ja, dat mag ik niet zeggen', zeet ze, 'ik ben uit geweest ik ben nou goed beter', en Betje ging zo den huis uit alsof ze naar buiten wou gaan, en mee gooit ze die dingen, die heiligdommekes, onder derren stoel.
Betje stookte maar, die zat naast de kachel en die stookte maar, en ze kreeg het toch ze warm en zo benauwd, en toen zegt ze: 'Ja, ik zou wel's naar huis gaan, want ik moet voor het eten gaan zorgen'.
'Da's goed, vrouw Bruinzeels, gaat dan', zee Betje.
'Maar laat me dan opstaan'.
'Wel ge moogt opstaan, m'n goeie mens', zegt ze, 'sta maar op'.
'Neem dan die relekwien allemaal onder menne stoel uit' zeet ze, 'want ik kan niet opstaan'.
En Betje neemt ze d'r onder uit, en toen ze buiten was, zeet ze: 'ge zult geen last meer van me hebben'.

Onderwerp

SINSAG 0646 - Hexe erkannt. Sie kann nicht aufstehen, weil ein Nagel der Osterkerze unter den Stuhl gesteckt ist.    SINSAG 0646 - Hexe erkannt. Sie kann nicht aufstehen, weil ein Nagel der Osterkerze unter den Stuhl gesteckt ist.   

Beschrijving

Meisje dat ziek is gemaakt wordt door paters verlost van hekserij. Ze krijgt heiligdommen mee om die onder de stoel van de buurvrouw te gooien, waardoor die niet kan opstaan.

Bron

Willem de Blécourt. Volksverhalen uit Noord Brabant. Utrecht [etc.]: Het Spectrum, 1980. p. 157-158

Motief

C784.1 - Tabu: lending to witch.    C784.1 - Tabu: lending to witch.   

G254.1 - Witch cannot rise if ring lies under her chair.    G254.1 - Witch cannot rise if ring lies under her chair.   

Commentaar

bandopname 21 oktober 1957
Motieven: C784.1 Tabu: lending to witch; G254.1 Witch cannot rise if ring lies under her chair.
De volledige naam van de vertelster is Antoinetta Maria Verbeek-Beenen. De bandopname van 21 oktober 1957 moet met opzet verkeerd gedateerd zijn, want de vertelster was toen al bijna een jaar overleden.
Sie kann nicht aufstehen, weil ein Nagel der Osterkerze unter den Stuhl gesteckt ist.

Naam Overig in Tekst

Van Eil    Van Eil   

Betje Dirven    Betje Dirven   

Betje van Eil    Betje van Eil   

Bruinzeel    Bruinzeel   

Lieven Heer    Lieven Heer   

Naam Locatie in Tekst

Princenhage    Princenhage   

Zuilen    Zuilen   

Leuvenaarstraat    Leuvenaarstraat   

Breda    Breda   

Eindhoven    Eindhoven   

Helmond    Helmond   

Plaats van Handelen

Princenhage (Noord-Brabant)    Princenhage (Noord-Brabant)   

Kloekenummer in tekst

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20