Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

BRUIJN0015 - Het waren twee conincskinderen

Een sage (boek), 1946

Hoofdtekst

HET WAREN TWEE CONINCSKINDEREN

Het waren twee conincskinderen,
si hadden malcander so lief,
si conden bi malcander niet comen,
het water was veel te diep.

Wat stac si op? drie keersen,
drie keersen van twaelf int pont,
om daer mee te behouden
sconincs sone, van jaren was jonc.

Met een quam daer een besje,
een oude venijnde bes,
en die blies uit die keersen
daer verdronker dien jonghen helt.

,,Och moeder,'' seidese, ..moeder,
mijn hoofje doet mijnder so wee!
Mocht icker een cort half uertje
spanceren l langhes de see!''

,,Och dochter'', seidese, ,,dochter,
alleen en meucht ghi niet gaen,
wect op uw joncste suster
en later die met u gaen.''

,,Mijn alderjongcte suster
dat is also cleinen kint,
si pluct maer al de roostjes
die si in haer weghen vint.

Si pluct mae al die roosjes
en die bladertjes laet si staen,
dan segghen maer alle de lieden:
Dat hebben de conincs kinderen ghedaen''.

De moeder ghinc nae de kerke,
de dochter ghinc haren ganc,
si ghinc maer also verre
daer si haer vaders vischer vant.

,,Och, vischer'', seidese, ,,vischer,
mijn vaders vischerkijn!
Woudt ghi een weinich vischen,
tsoud u wel gelonet sijn''.

Hi smeets sijn net int water,
de lootjes die ghingen te gront,
hoe haest was daer ghevischet
sconincs sone, van jaren was jonc.

Wat troc si van haer hande?
Een vingherlinc root van gout:
,,Houdt daer, mijn vaders vischer!
Daer isser den lone van jou''.

Si name hem in haer armen,
so custen hem voor sijn mont:
,,Och mondeling, cost ghi spreken!
Och hertje, waert ghijder ghesont!''

Si nam hem in haer armen,
si spronker mee in de see:
,,Adieu mijn vader en moeder!
Van uw leven siet ghi mi niet weer.

,,Adieu mijn vader en moeder,
mijn vriendekens alle ghelijc,
adieu mijn suster en broeder!
ic vaerder nae themelrijc''.

Beschrijving

Er waren twee koningskinderen die verliefd waren. Helaas waren zij door water gescheiden. Als de jongen op een dag besluit naar de overkant te varen wordt hij vermoord door een oud besje. Als het meisje later, met behulp van een visser aan wie ze een gouden ring geeft, haar geliefde dood vind, springt ze met hem in de zee in en verdringt.

Bron

Nederlandse sagen/ Cor Bruijn. - Amsterdam: Ploegsma, 1946. p 127-129

Commentaar

1946

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20