Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

HUBKUNST14 - Hoe 'Coudewater' gesticht werd.

Een sage (boek), 1934

Hoofdtekst

Hoe 'Coudewater' gesticht werd.
Niet ver van het dorp Rosmalen in de aloude Meierij van Den Bosch, ligt het gesticht 'Coudewater', waar de arme krankzinnigen door de kloosterlingen met vrome toewijding verzorgd worden. Nog altijd houdt dit huis door z'n naam de gedachtenis levend aan een voormalig klooster, dat jaren lang het Brabantsche land ten rijken zegen strekt. Maar in de sombere dagen van knechtschap en verdrukking, die volgden na het vredesjaar, in Hollands gouden, maar Brabantsch ijzeren eeuw werd ook deze kloosterstichting, als zoovele andere, vernietigd en opgeheven door de machtige en Zeer Edelmogende Heeren der Staten-Generaal.

Dit is het verhaal der wondere legende, hoe God zelve een zeldzaam teeken gaf, dat het Hem aangenaam zijn zoude, als op deze stille plek in de dorre vlakte der Meierijsche zandwoestijnen het wisselend koorgebed der monniken en kloostervrouwen ten hemel zou stijgen, als geurende wierookwolken voor Zijn Troon. Wij schrijven het jaar Onzes Heeren 1434.
Na den teisterden hittebrand van den gloeienden Julidag is nu de avond gekomen als een zoete verkwikking.
't Laatste flauwe licht verschemert over de heide, die zich uitbreidt naar de wijde einders, als het bruine, ruige tapijt over de gouwen van Brabant. De blaren der zwarte struiken ritselen zachtjes, als prevelen ze gebeden, vóór het slapen gaan. De koelte vleugt nu weldoende, en in de verte droomt blauwig de avonddauw over het golvende veld. De grootsche oneindigheid van den lichtgroenen hemel welft zijn kristallen klaarte over de oneindigheid der rustende heide, alsof God, de goede vader, de aarde omvadend houdt in vrede en welgezindheid...
Aan den rand der onmetelijke Brabantsche heide liggen dde dorpen en gehuchten, verdoken in den krans van groene boomkruinen; en de beeklok tampt het lied der bevrijding voor de noeste werkers in den stuggen, taaien grond der weerbarstige aarde.
Dan komen, de een na de ander, de stille lichten pink'len der sterren, die eeuwig zwijgend Gods mysterie verstaan... Gods verheen mysterie, dat in het woelende leven verborgen blijft voor de verwaten trots der wereldlingen. Maar de innige zoetheid wordt doorproefd door de minnende zielen van heilige en vrome menschen.
Den nederigen van harte, en den zuiveren van geest is deze hemelsche gave weggelegd. Zooals Thomas van Kempen zegt, de fijnzinnige zielenkenner: 'Beter dan een groot geleerde is een eenvoudige landman, die God dient.'

Het moet wel 'n simpel, heel doodgewoon Brabantsch boerke geweest zijn, die Peter de Gorter, die op zoo wondere wijze een werktuig was in Gods hand en zoo'n zeldzaam aandeel kreeg in den bouw van een klooster, binnen 't domein van zijn parochie. Zoo'n stoere werker, zooals er nog vele leven op het land met gebruind en gedroefd gelaat, gebogen door den vermoeienden, zwaren veldarbeid, een menschenleven lang. Een, die uit ging in de vrome, Middeneeuwsche tijden, den zaaidoek om de lenden, en met Godes naam op de lippen, de zaden uitwierp in de versche voren, de jonge zaden, die eens gedijen zouden tot overvloedige en rijpe vruchten. Zoo'n eenvoudig-uitziend boerke, dat zich als een koning gelukkig gevoelde op z'n eigen akkergrond, altijd levend in Gods vrije natuur, voelend zijn alomme tegenwoordigheid. Het kleine huis van Peter de Gorter stond daar aan een stillen landweg, achter de schaduwende elzen, waar tusschen 't ruige rieten dak vlekte als een bruine, wollige vacht, uitgespannen in 't groen. Bloemperken binnen de geschren ligusterhagen bereidden er voor en achter de hoeve een feest van kleuren. Maar deze zijn niet de eenige liefde van dit stil, in-zich-gekeerd manneke. Aan 't eind van den hof, onder een zwaar planken afdak, staan zijn bieënkorven, op de rij, rond en breed, ruig en ruw gevlochten.
De bieën hebben bijna de vaderlijke zorg van Peter de Gorter. Zij zijn z'n oogen-lust, z'n oogen-troost, z'n zalige vreugde. Hij kent haar leven, haar werken, haar zwerven, haar veelsoortige gonzen, haar bedrijvigheid in de korven dóór en dóór.
Hij is een iemker die leeft voor z'n bieën. Moet hij niet de bijzondere vriend zijn geweest van Sint Ambroos, dit simpel bieënboerke uit de Meierij? Wat heeft hij uren en uren gestaan bij z'n korven om te zien, met geduld en overgave, naar het naarstig spoeden, 't rusteloos gonzen en 't ijvervol arbeiden van het wriemelend bieënvolk. En wat hebben hier op de warme zomermiddagen de bronzen zanggeluiden gezoemd in de strakke snaren van het glorierijke licht. Want ook deze nietige, nijvere bieën zingen haar schepper lof en prijs.
Maar op dezen dagen had het bieënvolk aan den ouden Peter de Gorter zorg gegeven. De zwermtijd was gekomen; dat wist hij; in z'n korven gonsde het, brommend en fel, voorbode van de zwervende vlucht. En dezen avond is hij, wat bezorgd, in huis getreden. Wat is er toch gaande in z'n bieëkorven?
De bieën zwermden uit bij duizenden in den laten avond; een druk leven scheen er te bewegen in de korven. Morgen, vóór de haan kraait, zal hij weer kijken gaan... Maar Peter de Gorter ligt slapeloos op z'n leger neer. Het maanlicht zweeft naar binnen door de kleine ruiten, met blauwigen, onwezenlijken schijn.
De iemker is opgestaan, trekt een paar kleeren aan. Nog ééns wil hij zien, hoe z'n bieën het maken in dezen zoelen zomernacht.
Hij komt buiten in den hof; de maan praalt als een witte, zilveren monstrans aan den hemelkoepel; de bloemen geuren doordringend en zoet. Daar staan de korven onder 't wrakke afdak; ze glimmen groenig, beglansd door 't blanke maanlicht. Maar plots, met een schok staat het boerken stil. Wat hoort hij?...
Kerkgezang ruischt over den hoftuin, zoet en lieflijk; hij hoort 't koorgebed van mannenstemmen, zwaar, sonoor, en lichtere, hoogere stemmen van vrouwen... Waakt hij of droomt hij?
Doch neen, steeds duidelijker hoort hij het aanzwellend koraalgezang.... De maan ziet op hem neer als een goedig, begrijpend menschengelaat. Nu bemerkt hij opeens waar vandaan 't gezang komt, dààr van uit zijn bieënkorven! Hij gaat er heen, met eerbiedigen schroom, voorzichtig, als vreesde hij een schoone droom te breken... Maar neen, 't zingen houdt aan, vol en vibreerend. Zijn dan z'n goede, zoo vertrouwde bieën zulke zeldzame kunstenaressen? Hij heeft den grootsten korf gegrepen. Langzaam keert hij hem om, dat de maneschijn vol kan vallen in de zwarte holte, waar de raten hangen...
Hij ziet geen raten. Hij bemerkt met ontroering, dat er een prachtig monument gebouwd is van het zuiverste en blankste maagdenwas, rein en versch gevallen sneeuw...
En hij ontwaart bij nader toezien, twee kloostergebouwen; met in 't midden een ruime getorende kerk met transen en kanteelen... Gaat er een wonder gebeuren?
Den volgenden morgen vertelt Peter de Gorter het gebeurde aan den cureit. Deze komt met geloofwaardige getuigen, vindt alles zooals de iemker 't hem gezegd heeft. Dra was heinde en verre in Brabant en Vlaanderen en Holland dit nieuws bekend. 't Gerucht kwam ook ter oore van Milla van Kampen, een rijke weduwe, die haar rijkdom besteedde tot Gods meererde glorie.
En spoedig was haar besluit genomen. Ze onderhandelde met Peter de Gorter, die z'n akker afstond. Na korten tijd verrees op die plek een mannen- en vrouwenklooster der Orde van Sinte Brigitta; het eene klooster werd 'Coudewater', het andere 'Sint Annenberg' genoemd.
Meer dan tweehonderd jaar bleef dit dubbelklooster bestaan en verspreidde rijke zegening over de vale heidelanden der Meierij.

Beschrijving

Peter de Gorter was imker. Op een avond ging hij nog even bij zijn bijen kijken, voor het slapen gaan. Hij hoorde een zoet en lieflijk kerkgezang, dat uit zijn bijenkorven kwam. In plaats van de raten stonden er twee kloostergebouwen. Hier kwamen een mannen- en een vrouwenklooster van de Orde van Sinte Brigitta. Het ene klooster werd 'Coudewater' genoemd, het andere 'Sint Annenberg'.

Bron

Hub. Kunst. Brabantsche sagen: aan de boeren van Brabant, die nog de sagen van hun land bewaren. Turnhout, 1934. p. 83-89

Commentaar

1934

Naam Overig in Tekst

Coudewater    Coudewater   

Staten-Generaal    Staten-Generaal   

God    God   

Thomas van Kempen    Thomas van Kempen   

Peter de Gorter    Peter de Gorter   

Sint Ambroos    Sint Ambroos   

Milla van Kampen    Milla van Kampen   

Orde van Sinte Brigitta    Orde van Sinte Brigitta   

Sint Annenberg    Sint Annenberg   

Naam Locatie in Tekst

Brabant    Brabant   

Rosmalen    Rosmalen   

Meierij    Meierij   

Den Bosch    Den Bosch   

's Hertogenbosch    's Hertogenbosch   

Holland    Holland   

Vlaanderen    Vlaanderen   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20