Hoofdtekst
1. Oliekonten
Aldus genoemd omdat die van Tilburg alles in de olie bakken, volgens anderen omdat alle fabrieksarbeiders er naar machineolie stinken.
(Sassen M69)
2. Kruikezeikers
Tilburg had reeds van ouds lakenweverijen (vergelijk Dijksterhuis, Bijdr. tot de Geschied. der heerlijkheden Tilburg en Goirle, Tilburg 1899, blz. 118 en vlg. Reeds in 1611 is er van de Tilburgsche lakenweverijen sprake). Tot het bereiden van laken was urine noodig. De wevers moesten daarom in kruiken urineeren. 'Zondagse pis en vrouwenpis deugden niet.'
(Sassen M69; vgl. St.-G., III, 93)
3. Keibuters
Buten betekent in 't Kempisch dialect met de riek in de grond werken om onkruid, wortels en aardappelen uit te halen. De spotnaam zou dus beduiden: mensen die keien uit de grond buten, met de riek uithalen.
(Corn. III, 208)
4. Messestekers
De Tilburgers hebben de naam erge vechtersbazen te zijn en in hun gevechten met messen te steken. Vroeger werd gezegd: 'In Tilburg steken de messen boven de daksparren uit.'
(Id.)
5. Al wat te Tilburg ten noorden der spoorlijn, in de buurt 'het Foirke' woont, wordt als de turken aangeduid.
(Van Miert, 70)
6. Stoepschijters
(Corn. IV, 342)
7. Wevers
(Rijken, 172)
8. Patagoniërs
(Id.)
9. Tegenvoeters
Tilburg is zeer vergroot door de toename der bevolking van vele dorpsbewoners, die minder beschaafd waren.
(Id.)
Onderwerp
TM 2602 - Spotnaam voor naburig dorp (stad) of hun inwoners   
Beschrijving
Bron
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Tilburger   
Turk   
Patagoniër   
Kruikezeiker   
Dijksterhuis   
Kempisch   
Naam Locatie in Tekst
Tilburg   
Goirle   
Foirke   
Plaats van Handelen
Tilburg   
Kloekenummer in tekst
K183p   
