Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

WEV016402

Een sage (mondeling), vrijdag 28 april 1967

Hoofdtekst

Met dat mens hebben we nog meer meegemaakt.
We kregen een kind ziek. Ouwe Joukje kwam vaak even kijken en vroeg dan: “Hoe gaat t met t jonkje?”
Ik zocht daar eerst niks achter, tot een van de familie mij er op wees, dat we dat niet moesten toelaten. Hij had ook zo’n geval gehad en was er achter gekomen, dat het oude mens zo’n kind ziek maken kon.
Wat had hij gedaan? Hij was naar een duivelsbanner in Oenkerk gegaan; die had hem een middel gegeven tegen de ziekte. Daarbij had die duivelsbanner gezegd, dat er aan de kant van de weg misschien iemand stond, die proberen zou het flesje stuk te stoten. Dat was allemaal uitgekomen en nu wilde hij mij ook naar die man in Oenkerk hebben.
Ik sprak er over met de vrouw en we moesten er eigenlijk niets van hebben; stel je voor, naar de duivelsbanner, puur bijgeloof.
Maar wat wil je? Het kind bleef ziek; Joukje kwam gedurig terug en zei: “hoe is t met t jonkje?”
Ten einde raad trok ik op Oenkerk af; met tegenzin, want ik ben niet bijgelovig. Maar wat doe je al niet om een kind weer gezond te krijgen. Ik kwam dan bij de duivelsbanner. Hij vertelde me, dat er een krans in het kussen zat; die moest eerst verwijderd worden; ik zou die maar verbranden. Verder gaf hij me een flesje met duivelsdrek. (een vloeistof, die de geur heeft van valeriaan).
En toen zei hij: “Als u nu naar huis gaat, zal er iemand aan de kant staan; die probeert het flesje in uw zak kapot te drukken; zorg dus, dat die persoon niet vlak bij u komt.” Wonderlijk vond ik dat.
En wat zag ik? Bij de weg stond ouwe Joukje. Ze wilde op me afkomen, maar ik wimpelde haar af. De krans hebben we verbrand; het was een krans van draden en lapjes van allerlei dingen, die bij ons in huis te vinden waren. Het kind kreeg de duivelsdrek en het beterde. Het vreemde is, dat Joukje niet meer gevraagd heeft, hoe of het kind het maakte.
Nou vraag ik u; hoe kan zulks? Van bijgeloof moet ik niets hebben, en toch beleeft men rare dingen; want het is van a tot z waar, wat ik vertel.

Onderwerp

TM 3101 - Heks maakt kind (mens, dier) ziek    TM 3101 - Heks maakt kind (mens, dier) ziek   

TM 3104 - Duivelsdrek als afweer    TM 3104 - Duivelsdrek als afweer   

TM 3106 - Het drankje van de duivelbanner    TM 3106 - Het drankje van de duivelbanner   

TM 3109 - Heksenkrans in kussen    TM 3109 - Heksenkrans in kussen   

Beschrijving

Heks vraagt naar toestand ziek kind; halen van drankje bij duivelbanner; advies duivelbanner krans uit kussen te halen; waarschuwing om persoon langs de weg te vermijden.

Bron

Collectie Wever, verslag 164, verhaal 2 (Archief Meertens Instituut)

Naam Overig in Tekst

Joukje    Joukje   

Naam Locatie in Tekst

Oenkerk    Oenkerk   

Plaats van Handelen

Marrum    Marrum   

Kloekenummer in tekst

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:21