Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

SINBRABSAG232 - O. L. Vrouw van Ommel

Een legende (boek), 1933

Hoofdtekst

No. 232. Voor vele honderden jaren vonden eenige bewoners van Ommel, op een vroegen morgen in de Goede Week, een ivoren Mariabeeldje op het draaihek van een akker. Geen van hen wist hoe het daar gekomen was, maar vol eerbied namen ze het op, brachten het naar hun parochiekerk te Asten, en plaatsten 't daar op het Maria-altaar. Den volgenden morgen was 't beeldje uit de kerk verdwenen en stond weer op het hek. Dat geschiedde zoovele malen, tot de pastoor 't op Paaschmiddag zelf naar de kerk brengt, de deuren sluit, de zware sleutel meeneemt en 's nachts onder zijn hoofdkussen legt. En zie - op den morgen van den tweeden Paaschdag is er geen beeldje meer in de kerk. Alles stroomt naar Ommel, en ja, het beeldje staat op zijn oude plek. Bij het zien van dit wonder begreep de pastoor dat Maria op die plaats wilde blijven en hij liet het beeld daar in een houten kastje plaatsen. Voortaan kwamen er dagelijks velen Maria aanroepen en menige wonderbare genezing vond er plaats.

Ongeveer halfweg tusschen Asten en Ommel, langs den grintweg, is een kleine heuvel, waarop eertijds drie linden stonden. Onder die linden zou Onze Lieve Vrouw gerust hebben, als ze 's nachts naar Ommel terug ging. Later zijn de drie linden geveld; nu is er, tot aandenken, één linde geplaatst, de "Kerskensboom" genoemd.

Omtrent het jaar 1400 geraakte het schip van een rijk koopman, Jan van der Haven in de Leverzee vast. Weldra begonnen de levensmiddelen zienderoogen te verminderen. In dien nood riep de koopheer Maria aan, en in slaap gevallen, hoorde hij een stem, die sprak: "Jan van der Haven, zoo ge aan land komt, ga dan naar Ommel. Daar is een Mariabeeldje, dat door u verheven moet worden. Beloof dit en ge zult gered worden." Toen de koopman ontwaakte, herinnerde hij zich alles, en, ofschoon hij nooit van Ommel gehoord had, deed hij die gelofte. Dadelijk verhief zich een hevige wind, het schip zette alle zeilen bij en geraakte uit de vreeselijke Leverzee. Nauwelijks was hij behouden aan wal gekomen, of hij ging op weg naar Ommel. Daar vond hij het beeldje, zooals hem gezegd was. Hij nam het mede om het rijk te laten vergulden, maar zijn moeite was vergeefs; het beeld duldde geen kleuren of verguldsel. Daarop liet hij te Ommel een kapel bouwen voor het Mariabeeld, en hing er een schilderij in, waarop zijn schip in nood stond afgebeeld. Zoo'n schilderij is nog in de kerk te zien.

Deze kapel werd druk bezocht.
"Van die mirakelen die daer geschien, gheven ghethuych al die dynghen, die daer hanghen van yzer cleeren, van was soe menygherley."

Een tijdperk van bloei voor de bedevaartsplaats brak aan, na de oprichting van een Franciscaner-vrouwenklooster in 1539. En toen de zusters hun klooster moesten verlaten (in 1731) namen zij het beeld mee. Toen de kar, die het miraculeuze beeld droeg, aan het laatste huis van het Ommelseindje was gekomen, bleef ze plotseling staan. Tevergeefs slaat de voerman zijn paard, en rukt en sjort om de kar vooruit te krijgen. Eerst toen de zusters plechtig beloofden, het beeld naar Ommel terug te voeren, begon het paard van zelf aan te trekken, en de logge karren vervolgden hun tocht naar het kasteel Ghoor, bij Neer in Limburg. En waarlijk, na een omzwerving van meer dan honderd jaar, keerde O. L. Vrouw te Ommel terug. 1)

Toen het wonderbeeld in het nieuwgebouwde klooster te Nunhem in Limburg stond, kregen eens eenige zusters in een priëeltje van den kloostertuin zulk een verschil van meening, dat het van woorden tot daden zou komen. Toen verscheen O. L. Vrouw zelf en maakte een einde aan de twist.

In mei 1813 verlieten de nonnen Nunhem om naar Asten te trekken. Zij namen het miraculeuze beeldje natuurlijk mee. De legende verhaalt dat het beeld tot tweemaal toe vanzelf naar Nunhem terugkeerde en 's morgens weer "vochtig van den dauw der weide" werd gevonden in een haag, die om het klooster groeide. De derde maal werd het beeldje in processie afgehaald en naar Asten gebracht en toen is het daar ook gebleven, tot het kapelletje te Ommel herbouwd was. 2)

Onderwerp

SINLEG 0131 - Das Bild kehrt (dreimal) nach dem Fundort (Standort) zurück.    SINLEG 0131 - Das Bild kehrt (dreimal) nach dem Fundort (Standort) zurück.   

Beschrijving

Onze Lieve Vrouw te Ommel verrichtte allerlei wonderen. Haar beeld keerde telkens terug naar de vindplaats of naar Ommel zelf, als het werd verplaatst.

Bron

Noord-Brabantsch Sagenboek/ J. R. W. Sinninghe. - Zutphen: W.J. Thieme & Cie. - [1933], p. 182-84.

Commentaar

[1933]
Valt onder hoofdstuk en titel(s): III. Legenden of Christelijke Sagen; 2. Maria Legenden; A. Miraculeuze Beelden.

Bronnen:
1) Kronenburg, Maria's Heerlijkheid VI, 320-344. Zie de lit. aldaar.
2) Kemp, Limburgs Sagenboek, 35.

*) Een zee, niet van water, maar van een dikke substantie, waarin de schepen vaak vast bleven zitten. In de M.E. wonderreizen is er vaak sprake van.
Das Bild kehrt (dreimal) nach dem Fundort (Standort) zurück.

Naam Overig in Tekst

Ommel    Ommel   

Goede Week    Goede Week   

Mariabeeldje    Mariabeeldje   

Maria-altaar    Maria-altaar   

Paaschmiddag    Paaschmiddag   

Paaschdag    Paaschdag   

Maria    Maria   

Onze Lieve Vrouw    Onze Lieve Vrouw   

Keskensboom    Keskensboom   

Jan van der Haven    Jan van der Haven   

Leverzee    Leverzee   

Franciscaner-vrouwenklooster    Franciscaner-vrouwenklooster   

Ommelseindje    Ommelseindje   

Ghoor    Ghoor   

O. L. Vrouw    O. L. Vrouw   

Mei    Mei   

Naam Locatie in Tekst

Asten    Asten   

Neer    Neer   

Limburg    Limburg   

Nunhem    Nunhem   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20