Hoofdtekst
JG: Eh, wat ik kan vertellen over de helhond... eh, veel verhalen zijn er eigenlijk niet over. Wat er bekend is, komt eigenlijk uit het begin van 1900, 1901 precies te zijn, heeft Kapitein Ort, hij had hier familie in de buurt en hij heeft hier ook heel veel rondgezworven. Kolonel Ort was het eigenlijk. De man beschikte schijnbaar over heel veel vrije tijd, bij het leger, en eh, die heeft veel langs de boeren getrkken, hier in De Lutte, en eh die heeft heel wat verhalen opgeschreven, maar over de helhond is wel bekend dat hij daar gesprekken heeft gehad met 'n zekere Koekenberg of Kokenberg en eh, ja, ik moet dan even 't verhaaltje erbij halen, want helhond is...
RK: Oh, dat kent u niet uit uw hoofd?
[pakt boek, telefoon gaat]
[leest voor]
JG: Wat eh de helhond [...?] dat is eh... [...?]bult [...?] dat is dan 'n boerderij in die omgeving van de Kee[?]bult, daar waarde zich 's avonds niemand meer op- niemand meer buiten, het was het domein van de spookhond, met zijn gloeiende ogen. In De Lutte sprak men van De Verkeerde Hond, of wel Wodan's Helper. Deze helhond had met zijn hoog opstaande oren richtte zijn kop meestal naar de plaats waar de zon onder was gegaan. [...] Het moet 'n blaffende hond zijn geweest die Wodan op z'n Wilde Jacht vergezelde. In de Germaanse mythologie werd de Kardoeshond gewijd aan Wodan en aan de godin Holda. De godin was de aanvoerster van een schaar geesten. Zij gold ook als vruchtbaarheidsgodin. Omdat uit haar bron de zieken- zielen van de nieuwgeborenen kwamen, de zielen van de overledenen kwamen opnieuw tot haar, en vergezeld door de helhond. In De Lutte ging daarom het gerucht dat wanneer ergens 'n helhond blafte, daar binnen korte tijd een sterfgeval zou plaatsvinden. De hond struine ook regelmatig bij de begraafplaatsen rond. Boer Koekenberg is ooit 'n gevecht aangegaan met 't ondier. Hij joeg 't beest op de vlucht, en thuisgekomen kreeg hij over zijn hele lichaam zweren en werd ernstig ziek. Wekenlang lag hij - nee zweefde hij tussen leven en dood, en u kunt- u kunt zich 's avonds maar beter niet bij de Dee[?]bult, waar Kokenberg woonde, ophouden. Hoort u 't gejank, of bespeurt u de priemende ogen, dan kunt u zich beter uit de voeten maken.
[stopt met voorlezen]
Dat is eigenlijk het verhaal wat eh toentertijd Kolonel Ort heeft opgeschreven.
[over Kolonel]
[boekje: Overijssels[ch?]e Sagenroutes, red. Wybe Hoekstra, Gerard[?] de Buit[?] uit 1990.]
RK: Eh heeft u eh dergelijke verhalen of het verhaal van de hellehond ook wel eens zelf gehoord?
JG: Nou.
RK: Want dit is wat u nu voorleest, maar komt het ook voor in uw mondelinge overlevering?
JG: Nee, dat doet 't niet. D'r is wel een onderwijzer, Swennenhuis[?] die heeft eigen verhaaltjes gemaakt, maar dat zijn geen sagen uit 't verleden.
RK: Nee. Of uit 't heden kan ook, hè, moderne spookverhalen...
JG: Goed, dan zal ik u 'r eentje laten horen...
[pakt video, legt uit over achtergrond video]
JG: [...] daar komt onder andere een sage in voor waar Swennenhuis iets vertelt over de helhond.
RK: Een moderne bewerking?
JG: Een moderne bewerking.
OS: Waarom hebben ze er nou eigenlijk voor gekozen om dat beeld daar neer te zetten, als het niet 'n heel bekend verhaal is?
JG: Ja, dat kan ik wel vertellen. Een zekere meneer Molkenboer[?] die woonde in De Lutte, dat was 'n eh 'n textielmagnaat, en eh die had 'n- die woonde daar in die omgeving waar volgens de overlevering de helhond steeds maar rondzworf. En die man was daar 'n beetje door gefascineerd, en eh, die heeft daar wat over gelezen, aan waar hij het vandaan gehaald heeft weet ik niet, maar hij was daar zeer in geïnteresseerd, en hij heeft een vriend, Pieter de Monchy, dat was 'n bekende beeldende kunstenaar en hij leeft nog dacht ik, in Amsterdam. Die [Molkenboer] heeft de opdracht gegeven om die helhond 'ns in beeld te zetten, en die [De Monchy] heeft eh dat beeld gemaakt, en dat heeft hij, de bekende Molkenboer, bij zijn huis neergezet. Maar in de, pakweg, moet ik even heel grof even zeggen, in de zeventiger jaren van de vorige eeuw, is de heer Molkenboer gaan emigreren nar Frankrijk, en heeft het beeld overgedragen, of verkocht, aan de gemeente Losser. En die heeft 't daar neergezet, waar 't nu staat, en ja eh zodoende is eigenlijk, omdat 't beeld er staat, is ook de belangstelling voor die helhond meer naar voren gekomen, maar ik kan verhalen vertellen- ja, ik kan 't niet uit m'n duim zuigen...
RK: Nee nee nee...
JG: Ik ik moet de overlevering- ik zal 'ns even...
RK: Maar is dit eh dit verhaal, wordt dat bijvoorbeeld toeristisch- zijn 'r beeldjes van of wat dan ook eh te koop? Worden er dingen dingen van verkocht, van die hellehond?
JG: Ja, er is 'n miniatuur van. Ik denk niet dat die nou nog te koop is, maar in samenwerking met de heer De Monchy is daar toestemming voor gegeven, en ook in De Lutte hebben we elk jaar de zogenaamde Hellehondsdagen. Elk dorp wat zich 'n beetje zelf respecteert organiseert zomers een feest.
RK: Ja ja.
OS: Dat was afgelopen maand, toch?
JG: Dat was afgelopen maand. De Helhondsdagen zijn dan ook ontstaan via dat beeld weer.
Onderwerp
SINSAG 0486 - Andere Todesvorzeichen.   
Beschrijving
Het beeld van de Helhond in De Lutte werd gecommissioneerd door de textielmagnaat Molkenboer, die het beeld op zijn erf plaatste. Na diens overlijden werd het beeld op het plein in het dorp gezet.
Bron
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Kardoes   
Wodan   
Odin   
Wilde Jacht   
Kolonel Ort   
De Lutte   
Koekenberg   
Kokenberg   
De Verkeerde Hond   
Wodan's Helper   
Germaans   
Swennenhuis   
Molkenboer   
Pieter de Monchy   
Hellehondsdagen   
Helhondsdagen   
Naam Locatie in Tekst
Ort   
Holda   
Holle   
Frankrijk   
Losser   
