Hoofdtekst
Een Spaens soldaet tot Antwerpen in het guarnisoen zijnde schreef een brief aen den gouverneur met dit opschrif: 'Alla Sui excelencie Don Castel Rodriguo mas que Dios, etc.' Den gouverneur liet hem bij sig komen, en vroeg wat hem tot sulken temeriteyt bewoogen had, om hem soo een titel te geven? R. 'De waerheyt, want God die had de kineren Israëls met manna, quackelen, water etc. te geven, in de woestijne het leven behouden. Maer Sijn Excellentie dee nog grooter mirakel, alsoo ik in de tijt van vier jaer, die ik Sijn Excellentie gedient heb, nog niemendal ontfangen heb en nog leve.'
Beschrijving
Een Spaans soldaat schreef een brief naar de gouverneur. In de aanhef gaf hij de gouverneur de hoogste en belangrijkste titels die er te geven zijn. Dit deed hij omdat de gouverneur in zijn ogen een groter wonder had verricht dan God; in de vier jaar tijd dat de soldaat onder de gouverneur diende was hij blijven leven en was hij zelfs nog nooit gewond geraakt.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Naam Overig in Tekst
God   
Spaans   
Zijn Excellentie   
Zijne Excellentie   
Naam Locatie in Tekst
Dios   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
