Hoofdtekst
Maar bij het voorbijtrekken der massa's te Vierlingsbeek zal een nieuwsgierige zijn hoofd uit het raam steken. En deze zal zijn een Israëliet. Doch een der soldaten zal het zwaard trekken uit de schede en hem het hoofd afhouwen.
Maar de koning die "links te paard stijgt", zal te Mook vluchten over de brug. Alsdan zal zijn ros een der hoefijzers verliezen. En als de smid het dier zal willen beslaan, zal de koning verder moeten vluchten. "Wee U echter, Sonsbeek, Kervendonck en Goch! In U zal niet één steen op den anderen blijven! En Goch, het bloed Uwer zonen zal bij beeken stroomen van Uwe heuvelen!"
"En het land van Cuyck zal gespaard blijven het lèèst
Maar zal lijden het mèèst." 7)
Beschrijving
Bron
Commentaar
Noten: 7) Kemp, Limb. S., 99.
Toelichting (No. 293-296): In de veertiende eeuw, aldus Sinninghe, schreef ene Johannes van Lilienthal, Augustijner prior te Utrecht, een profetie. Deze profetie is in de volksverhalen terecht gekomen, en is hierin door de tijd heen aan veranderingen onderhevig geweest. Hieruit zijn een aantal sagen voortgekomen die op elke plek weer anders worden verteld.
Ter vergelijking (No. 287-296): K. ter Laan, "Prophecye van Jaarfke". (Groningen, 1931); K. ter Laan in E. V., IV, 97-99.
Naam Overig in Tekst
Heijen   
Afferden   
Sonsbeek   
Kervendonck   
Land van Cuyck   
Naam Locatie in Tekst
Maas   
Rijksweg   
Veerstraat   
Vierlingsbeek   
Mook   
Goch   
Cuyk   
