Hoofdtekst
Toevoegen aan §4, Aant. 1940, sub 129-IV: [„Wilgeroosje”: F3]: Een elfje woonde met haar familie in de rozen, in de omgeving waarvan een wilg stond. In deze wilg woonden kabouters. Een van deze kabouters speelde regelmatig met het elfje. Ouder geworden werden zij verliefd op elkaar en wilden trouwen. De wederzijdse ouders waren verbaasd en boos: elfjes en kabouters trouwen niet met elkaar! Het elfje treurde in haar rozenstruik, de kabouter in zijn wilg. Zij speelden niet meer en spraken nauwelijks... De elfenkoningin kreeg medelijden en besprak de moeilijkheden met de kabouterkoning. Samen besloten zij het huwelijk toe te staan, echter niet als elfje en kabouter, maar samen in één plant: het wilgenroosje.
Bij §2a: [„Wilgeroosje”]: „En als je goed kijkt zie je nu de kaboutermuts in de stamper, de vleugeltjes van het elfje in de bloemblaadjes en het zaad lijkt wel op de baard van de kabouter.” (W. p. 99).
Bij §2a: [„Wilgeroosje”]: „En als je goed kijkt zie je nu de kaboutermuts in de stamper, de vleugeltjes van het elfje in de bloemblaadjes en het zaad lijkt wel op de baard van de kabouter.” (W. p. 99).
Beschrijving
Een elfje, dat in een rozenstruik woont en een kabouter, die in een wilg woont willen trouwen. Dit mag echter niet van hun ouders, waardoor zij beiden diep ongelukkig worden. De elfenkoningin en de kabouterkoning besluiten de twee toch te verenigen. Dit gebeurt alleen niet in een huwelijk, maar in een plant; het wilgenroosje.
Bron
J.H.W. Eldermans, Aardgeesten, Gnomen, Kabouters, etc.. Restanten no. 16B. Een handgeschreven, ongepubliceerd manuscript. Manuscript eigendom van het Museum of Witchcraft, Boscastle, Cornwall, UK.
Commentaar
1940
Zie onder 'Beeld' voor een afbeelding van de pagina uit het manuscript.
Naam Overig in Tekst
Wilgenroos   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
