Hoofdtekst
Een lacquey quam sijn kameraed tegen: 'Hoe drommel liept gij gisteren soo?' R. 'Dat geloof ick wel, mijn meester was mij met een stock achter 't gat.' R. 'Kreeg hij u?' R. 'Neen, hij kon mij niet nader komen als dat hij mij met de stock konde bereycken.'
Beschrijving
Een lakei vraagt zijn vriend waarom hij gisteren zo hard liep. Hij antwoordt dat zijn baas hem achterna zat met een stok. De lakei vraagt dan of de baas zijn vriend te pakken had gekregen. Nee, is het antwoord, de baas kon niet dichterbij komen dan de stok kon.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20