Hoofdtekst
Balthasar bruyde Adam met een barlaf drijvende in een vuyle goot. R. 'Wat de hencker is dat ernst of scheert gij daer de geck mee?' R. 'Neen, ick toch niet. Wel degelijck is het ernst.' R. 'Dan is 't wat anders. Ick soude anders seggen: ick verstae mij sulck gekscheeren niet.'
Beschrijving
Balthasar sloeg Adam met een rietje dat in een goot dreef. Adam vroeg of Balthasar het meende of dat hij aan het dollen was. Balthasar antwoordde dat hij het meende. Adam zei daarop dat dat de zaak veranderde. Zulke dolletjes begreep hij niet.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Naam Overig in Tekst
Balthasar   
Adam   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
