Hoofdtekst
Een man in de pesttijt in een herberg comende en siende een stuck speck in de ketel koken, stack 'et in sijn broeck en alsoo het hem brande, riep hij: 'Och, ik heb het speck al weg.' De vrouw menende dat hij de pest hadt, seyde: 'Gaet dan datelijck uyt mijn huys.' 't Welck hij dede sonder de waerdin te betalen.
Beschrijving
Er was een misverstand ontstaan tussen de waardin van een herberg en een gast. De waardin dacht dat de gast de pest had, terwijl de man een stuk spek gestolen had. De man werd verzocht de herberg te verlaten. Dit deed hij zonder te betalen.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20