Hoofdtekst
Een gierigen vreck, die sich beroemde van in geen 12 jaer excijs van sijn geconsumeerde wijnen betaelt te hebben, voelende dat sijn uyr was naeckende, riep sijn knecht. R. 'Joris, hoeveel wijn leyt er noch in de kelder?' R. 'Ruym een aem.' 'Daer kan men op mijn begraefenis niet mee toe, past dat gij er t'avondt noch een paer siet bij te smokkelen, hoor je?' R. ''t Is wel mijnheer.'
Beschrijving
Een gierigaard die erg trots was dat hij in twaalf jaar geen belasting over zijn wijn had betaald voelde zijn dood naderen. Hij riep zijn knecht om te vragen hoeveel wijn er nog was. Het bleek dat er niet genoeg zou zijn voor de begrafenis, en de man beval zijn knecht wat extra binnen te smokkelen.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Zie ook mop nummer 350 (OVER0350) en 365 (OVER0365).
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20