Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

EFTDG07 - Hans en Grietje

Een sprookje (boek), 2009

Leonardo_Diffusion_XL_hansel_and_gretel_3.jpg

Hoofdtekst

Hans en Grietje
Er was eens een arme houthakker die met zijn vrouw en twee kinderen, Hans en Grietje, aan de rand van een groot bos woonde. De vrouw was de stiefmoeder van de kinderen. Eigenlijk vonden Hans en Grietje haar niet zo aardig. Als hun vader in het bos hout ging hakken, moesten ze heel hard werken van haar. Soms maakte ze Grietje uit voor 'domme gans' en dan lachte ze heel hard. Grietje kon haar dan wel wat doen... maar ze deed niks. Het waren slechte tijden. Al werkte vader altijd heel hard, hij verdiende niet genoeg met houthakken. Op een avond, toen de kinderen al naar bed waren, zei hij tegen zijn vrouw: 'Al ons geld is op en we hebben bijna geen eten meer. Ik weet niet hoe het verder moet.' 'We kunnen de kinderen morgen achterlaten in het bos zodat ze de weg naar huis niet meer kunnen vinden,' zei zijn vrouw. 'De kinderen achterlaten? Hoor ik dat goed? Dat kun je niet menen!' riep de houthakker. Maar zijn vrouw zei bits: 'Heb jij soms een beter idee?' Ondertussen waren Hans en Grietje wakker geworden. Ze hadden alles gehoord en werden er heel verdrietig van. Grietje moest zachtjes huilen, maar Hans legde troostend zijn arm om haar schouders. 'Ga maar lekker slapen, zusje. Ik heb een plannetje!' Midden in de nacht, toen iedereen sliep, sloop hij de deur uit. De witte kiezelsteentjes op het tuinpad glinsterden in het maanlicht. Het leken zo wel edelstenen! Hans vulde zijn zakken ermee. Daarna ging hij weer vlug naar bed. De volgende ochtend vertrokken ze al vroeg om hout te sprokkelen in het bos. 'Kom Hans, doorlopen!' riep de houthakkersvrouw. Hans was al een paar keer wat achtergebleven. Dat deed hij expres, omdat hij steeds een kiezeltje op de grond liet vallen. Zo maakte hij een lang spoor van witte steentjes. Diep in het bos stopten ze. 'Rust hier maar lekker uit,' zei hun stiefmoeder. Hans en Grietje vielen in slaap en toen ze wakker werden, waren hun ouders nergens te bekennen. Het werd al donker. 'Nu zijn we helemaal alleen,' beefde Grietje. 'Ik weet de weg naar huis nooit meer te vinden.' 'Maar ik wel!' zei Hans. 'Kijk maar...' In het licht van de opkomende maan werd zijn spoor van kiezelstenen duidelijk zichtbaar. Ze hoefden het maar te volgen en ja hoor, na een poosje waren ze weer thuis. Een paar weken later was het eten weer bijna op. Hans en Grietje hoorden hun stiefmoeder zeggen: 'Morgen nemen we de kinderen nog verder mee het bos in. Zo ver dat ze de weg nooit meer terug zuilen vinden.' Vader stribbelde tegen, maar zijn vrouw luisterde niet naar hem. Die nacht wilde Hans weer kiezelsteentjes verzamelen, net als de vorige keer. Maar de deur zat op slot en hij kon niet naar buiten. De volgende dag verkruimelde de slimmerd onderweg het broodje dat hij meegekregen had. Zo maakte hij een nieuw spoor door het bos. Op een open plek hielden ze halt. Grietje deelde haar broodje met Hans en daarna vielen de kinderen in slaap. De zon stond al laag toen ze wakker werden. Hun ouders waren weer weg, dus Hans ging meteen op zoek naar de broodkruimels. 'Ik vind geen spoor meer van mijn spoor!' riep hij naar Grietje. 'Hihi, wat zeg je dat grappig,' giechelde zij, maar Hans keek zorgelijk. 'Zo grappig is dat helemaal niet. Ik denk dat de vogels alles opgegeten hebben.' En zo was het. De hele nacht dwaalden de kinderen door het bos. Ze waren moe, hongerig en heel verdrietig, en ze raakten steeds verder van huis. Tegen de ochtend werden ze verrast door het gezang van een klein, wit vogeltje. Het vogeltje zong zo prachtig, dat Hans en Grietje het achternaholden. Het beestje landde op het dak van een huisje dat achter een dikke eik verscholen lag. Dichterbij gekomen zagen ze dat het niet zomaar een huisje was. Het dak was gemaakt van pannenkoeken en op de gesuikerde muren zaten krakelingen en speculaas. Op het muurtje van brooddeeg stonden heerlijke taarten. Er waren zelfs limonadefonteinen! 'Zie je dat, Grietje? Een huis van snoep en koek!' Door de zoete geur van kaneelstokken merkte Hans hoe zijn maag knorde. Brutaal brak hij een stukje van het pannenkoekendak af Ook zijn zusje watertandde: 'Kijk, het tuinpad is gemaakt van koekjes.' Ze propte er een paar in haar mond. Plotseling hoorden ze een luid geblaas: 'Wreeew!' Het was een zwarte kat. Hij stak zijn kop uit een raampje van het huisje. Meteen daarna ging er een luikje in de voordeur open. Een krakerige stem zei: Knibbel knabbel knuisje Wie knabbelt er aan mijn huisje? Wat een schrik! Een oud vrouwtje met een rond brilletje op haar haakneus keek nieuwsgierig naar buiten. Hans antwoordde snel, met zijn mond vol karamel: Het is de wind Jan de wind Die uw huis zo heerlijk vindt De deur ging piepend open en het oude, kromme vrouwtje kwam tevoorschijn. Gelukkig sprak ze vriendelijk: 'Kijk nou, wat een uitgehongerde, magere kindjes! Kom toch binnen, kom toch binnen. Ik ben net pannenkoeken aan het bakken.' Dat lieten Hans en Grietje zich natuurlijk geen twee keer zeggen. Snoepgoed is lekker, maar een dikke, warme pannenkoek als ontbijt... dat is pas smullen! Ze gingen het huisje binnen. Opeens duwde de oude vrouw de deur met een smak dicht - BAM! - en deed de grendel erop - PATS! Ze greep Hans met twee sterke handen vast en lachte vals: 'Hihaa! Ik heb jullie te pakken. Er zíjn hier helemaal geen pannenkoeken, behalve die op mijn dak, natuurlijk.' 'Laat me los!' riep Hans. 'Laat hem los!' gilde Grietje. Maar het oudje kraste: 'O, nee! Vanaf nu zijn jullie van mij! En als jullie het nog niet doorhadden...' Ze wachtte even en zei toen: 'Ik ben een heks! Hihahaa!' Haar valse lach klonk verschrikkelijk. De heks sloot Hans op in een hok met tralies. 'Zo. Blijf daar voorlopig maar zitten. Je moet eerst goed dik worden, want dan smaak je veel lekkerder. ' Had Grietje de heks goed verstaan? Moest haar broertje lekker smáken? Alsof de oude vrouw haar gedachten kon raden snauwde ze: 'Ja meisje, er gaat niets boven een heerlijk gebraden knulletje. We gaan jouw broertje vetmesten en daarna eet ik hem op. Hihahaa!' Weer klonk die gruwelijke lach. De dagen daarna moest Grietje hout sprokkelen, vloeren boenen en eten koken. Veel eten, want bijna alles moest ze naar Hans brengen, die dikker en dikker werd. Stiekem gaf hij Grietje dan ook wat. Een keer fluisterde hij: 'Hou vol, Grietje. Wij zijn slim genoeg om hieruit te komen.' Elke dag wilde de heks Hans in zijn wijsvinger knijpen. Ze wilde voelen hoe dik hij al was. Gelukkig had de heks slechte ogen. Ze had niet in de gaten dat Hans, die al behoorlijk dik werd, telkens een dun kippenbotje tussen de tralies door stak. 'Nog steeds te mager!' riep ze dan. 'Grietje, domme meid. Bak nog wat meer spek voor je broer. Hij moet echt dikker worden.' Een tijdje later vond de heks het opeens welletjes. 'Het is mooi geweest. Dan eet ik vanavond maar een mager lapje jongetjesvlees. Grietje, dom kind, gooi eens wat meer hout op het vuur. De oven moet goed heet zijn!' Grietje schrok. De tranen stroomden over haar wangen. Daardoor lukte het haar niet om het vuur goed op te stoken. De heks werd ongeduldig: 'Ik zal zelf eens laten zien hoe dat moet. Aan de kant, domme gans!' Die woorden maakten Grietje opeens verschrikkelijk kwaad. Het was genoeg geweest! Toen de heks zich voorover boog om in het vuur te poken, nam Grietje een aanloop... BAM! Met al haar kracht duwde ze de gemene heks de oven in. Meteen sloot Grietje het deurtje. 'Hoera! Goed gedaan!' juichte Hans. Wat was hij trots op zijn zusje. Ze bevrijdde hem en lachend vielen ze elkaar in de armen. 'Ik heb nog een verrassing voor je, Hans.' Ze gingen naar binnen en Grietje opende een la. 'Kijk eens wat ik gevonden heb?' De la lag vol met prachtige edelstenen. 'Ooh...' was het enige wat Hans uit kon brengen. Zo'n rijkdom had hij nog nooit gezien. Snel stopte hij zijn zakken vol. 'Dat is wel wat anders dan die kiezelstenen van ons tuinpad,' zei hij blij. Hij keek zijn zus aan. Allebei moesten ze ineens denken aan hun lieve vader. Grietje deed de rest van de edelstenen in haar schortje. 'En nu meteen naar huis,' zei ze. Op goed geluk begonnen ze te lopen. Zo kwamen ze bij een brede rivier. Een vriendelijke witte zwaan bracht hen naar de overkant. Daar herkenden ze allebei de omgeving. Ze waren vlak bij hun huis! Het duurde dan ook niet lang of ze werden door hun vader in de armen gesloten. Hij huilde van geluk. 'O, ik schaam me zo dat ik jullie in de steek heb gelaten! Ik had er zelfs zo' n spijt van, dat ik jullie stiefmoeder voorgoed heb weggestuurd. Ik wil haar nooit meer zien!' Toen lieten Hans en Grietje de edelstenen zien. 'Kijk vader, al onze geldzorgen zijn voorbij!' 'Wat geweldig,' zei de houthakker. 'Maar het mooiste is dat ik jullie terug heb.' En met zijn drieën leefden ze nog lang en heel gelukkig...

Onderwerp

AT 0327A - Hansel and Gretel    AT 0327A - Hansel and Gretel   

ATU 0327A - Hansel and Gretel.    ATU 0327A - Hansel and Gretel.   

Beschrijving

Uit armoede besluiten ouders hun kinderen in het bos achter te laten, maar Hans strooit kiezelsteentjes uit, zodat ze die avond de weg terug kunnen vinden. De volgende keer moet Hans broodkruimels strooien, maar vogels eten die op, en de kinderen verdwalen. Ze komen bij een huisje gemaakt van snoep, waar een heks woont, die de kinderen naar binnen lokt en Hans opsluit. Grietje moet het huishouden doen, Hans wordt vetgemest om hem op te eten. Als de heks aan zijn vingers komt voelen of hij al dik is geworden steekt hij een botje door de tralies. De heks besluit hem toch op te eten. Grietje moet de oven opstoken, als dat haar niet lukt doet de heks het zelf en Grietje duwt haar de oven in. De kinderen vluchten met de schatten van de heks en steken met behulp van een zwaan een rivier over, waarna ze veilig thuis komen. Uit spijt heeft hun vader de stiefmoeder al weggestuurd.

Bron

Gerrie van Dongen en Ad Grooten: Sprookjes van de Efteling. Amsterdam 2009, p. 37-41

Commentaar

Gerrie van Dongen, archivaris van de Efteling, selecteerde de verhalen. Grooten is de creatieve tekstschrijver is, die ook scripts en songs voor Efteling musicals heeft gemaakt.

Naam Overig in Tekst

Hans    Hans   

Grietje    Grietje   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20