Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

BLECOURTNB0016 - 1.16. Een rouw

Een sage (boek), 1889

Hoofdtekst

1.16. Een rouw
Een inwoner van Netersel zag des nachts tusschen twaalf en één uur een rouwstoet langzaam en plechtstatig op den openbaren weg voortschrijden. Voorop gingen de vier dragers met de lijkbaar; achter hen aan stapten twaalf mannen, in rouwmantels gehuld, met omfloersten hoed, en veertien vrouwen, in falies gewikkeld, zwijgend voort. Hij had dikwijls hooren zeggen, dat de verschijning van een rouw een zeker voorteeken was van een sterfgeval in de buurt; en inderdaad vijf dagen later werd zijn buurman ten grave gedragen, gevolgd door evenveel mannen en vrouwen, als hij in het nachtelijk uur had zien voorbijtrekken. N.B. Dergelijke verhalen heb ik hier in de omstreken meer gehoord en iemand verzekerde mij in allen ernst, dat hij zelf in den nacht een rouw had zien voorbijtrekken en dat eenige dagen naderhand in zijne buurt een lijk boven de aarde stond.

Onderwerp

SINSAG 0481 - Leichenzug gesehen    SINSAG 0481 - Leichenzug gesehen   

Beschrijving

Zien van rouwstoet tussen twaalf en één uur 's nachts, enkele dagen later wordt buurman op dezelfde manier begraven.

Bron

Willem de Blécourt, Volksverhalen uit Noord Brabant, Utrecht [etc.]: Het Spectrum, 1980. p. 23-24

Motief

D1825.7.1 - Person sees phantom funeral procession some time before the actual procession takes place.    D1825.7.1 - Person sees phantom funeral procession some time before the actual procession takes place.   

Commentaar

1889
Motief: D1825.7.1 Person sees phantom funeral procession some time before the actual procession takes place.
NA 1889: 190-191. Bewerking Sinninghe 1933: 72 (no. 90), 1964: 78. S.S481.1.
1. Schoolmeester en essayist. Verhalen vanuit Zeelst verzameld Opgetekend, verzameld en in vorm gegoten door Jacques Cuijpers (1850-1926), hoofdonderwijzer te Zeelst. Gepubliceerd in het Tijdschrift voor Noordbrabantsche Geschiedenis, Taal- en Letterkunde (TNG) I (okt. 1883 - okt. 1884), II (okt. 1884 - okt. 1885), en de Noordbrabantsche (Volks-) Almanak (NA), beide onder redactie van August Sassen. Cuijpers was goed bevriend met Sassen. Met hem en anderen placht hij wandelingen door de Noordbrabantse Kempen en de Peel te maken, waarbij onder meer aandacht werd geschonken aan de plaatselijke volkscultuur. De lichte spot die uit zijn verhalen klinkt wijst op een zeker cynisme tegenover het hem vertelde. Tegenover Sassen liet hij meer dan in de verhalen dit duidelijk uitkomen. Zo schreef hij over de verenkrans, die voor velen hét bewijs van hekserij was: 'Ze vullen ze op met wat de lui hebben. Draadjes vindt men allicht in de peluws; deze doen de veren ineen rollen, en 't is geen wonder er een lapje of een strooitje bij te vinden. En al zal zoo'n rommel ook al heel weinig geleken hebben op een krans of een poppetje - de verbeelding zal daar wel alles van kunnen maken, wat bijgeloovige menschen er in zien willen.' (brief aan Sassen, dd. 5 juli 1890, verz. Sassen inv. no. BB26).
Naast volksverhalen verzamelde meester Cuijpers materiaal betreffende allerhande volksgebruiken zoals kinderrijmen, kalendergebruiken, e.a. hetgeen eveneens in de genoemde tijdschriften gepubliceerd werd.
Leichenzug gesehen. (Mann wird vom Weg gestossen: bekommt Schlag von unsichtbaren Händen)

Naam Overig in Tekst

Netersel    Netersel   

Plaats van Handelen

Netersel (Noord-Brabant)    Netersel (Noord-Brabant)   

Kloekenummer in tekst

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20