Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

BLECOURTNB0039 - 1.39. Het betooverde rijtuig

Een sage (boek), 1892

Hoofdtekst

1.39. Het betooverde rijtuig
Terwijl een paar stroopers uit S. in de Bsche hei bezig waren met hun bedrijf uit te oefenen, zagen zij daar op eens in vliegen- de vaart een paar ruiters, als gendarmes gekleed, over de heide rennen. De stroopers staakten hunne bezigheid en wandelden koelbloedig de gewaande politiemannen tegemoet. Op 't zelfde oogenblik veranderden de ruiters in een vierwielig rijtuig met twee paarden bespannen, dat zij duidelijk hen te gemoet zagen rijden. Korter bijgekomen, ging dat rijtuig in een soort hondenkar op, die tegen hen overgekomen plotseling teniet ging, zonder eenig spoor achter te laten.

Onderwerp

SINSAG 0472 - Begegnung mit Geisterkutsche.    SINSAG 0472 - Begegnung mit Geisterkutsche.   

Beschrijving

Stropers zien als gendarmes geklede ruiters over de heide rennen, die veranderen in een vierwielig rijtuig met twee paarden bespannen, dat als de ze dichterbij komen verandert in een hondenkar, die spoorloos verdwijnt.

Bron

Willem de Blécourt, Volksverhalen uit Noord Brabant, Utrecht [etc.]: Het Spectrum, 1980. p. 39

Motief

E535.1 - Phantom coach and horses.    E535.1 - Phantom coach and horses.   

Commentaar

1892
Motief: E535.1 Phantom coach and horses.
NA 1892: 603. Bewerking: Sinninghe 1933: 80 (no. 112), 1964: 80. S.S478.2.
1. Schoolmeester en essayist. Verhalen vanuit Zeelst verzameld Opgetekend, verzameld en in vorm gegoten door Jacques Cuijpers (1850-1926), hoofdonderwijzer te Zeelst. Gepubliceerd in het Tijdschrift voor Noordbrabantsche Geschiedenis, Taal- en Letterkunde (TNG) I (okt. 1883 - okt. 1884), II (okt. 1884 - okt. 1885), en de Noordbrabantsche (Volks-) Almanak (NA), beide onder redactie van August Sassen. Cuijpers was goed bevriend met Sassen. Met hem en anderen placht hij wandelingen door de Noordbrabantse Kempen en de Peel te maken, waarbij onder meer aandacht werd geschonken aan de plaatselijke volkscultuur. De lichte spot die uit zijn verhalen klinkt wijst op een zeker cynisme tegenover het hem vertelde. Tegenover Sassen liet hij meer dan in de verhalen dit duidelijk uitkomen. Zo schreef hij over de verenkrans, die voor velen hét bewijs van hekserij was: 'Ze vullen ze op met wat de lui hebben. Draadjes vindt men allicht in de peluws; deze doen de veren ineen rollen, en 't is geen wonder er een lapje of een strooitje bij te vinden. En al zal zoo'n rommel ook al heel weinig geleken hebben op een krans of een poppetje - de verbeelding zal daar wel alles van kunnen maken, wat bijgeloovige menschen er in zien willen.' (brief aan Sassen, dd. 5 juli 1890, verz. Sassen inv. no. BB26).
Naast volksverhalen verzamelde meester Cuijpers materiaal betreffende allerhande volksgebruiken zoals kinderrijmen, kalendergebruiken, e.a. hetgeen eveneens in de genoemde tijdschriften gepubliceerd werd.
Begegnung mit Geisterkutsche & SINSAG 0478 Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen

Naam Overig in Tekst

S.    S.   

Bse    Bse   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20