Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

BLECOURTNB0087 - 2.41. Het Kaboutermanneke te Duisel

Een sage (boek), 1892

Hoofdtekst

2.41. Het Kaboutermanneke te Duisel
Op zekeren schemeravond kwam een boer, die te Duisel woonde, nadat hij, in de nabijheid van den Kabouterberg, heideplaggen voor turf had gestoken, met zijne schup op den schouder gegaan, van het gehucht Dalem onder Hapert naar Duisel. Hij zag in de verte een manneke door de heide loopen, en verwonderde zich dat een kind zoo vlug gaan kon. Het kwam recht op den boer aan die den karweg bleef volgen en, toen het ventje den ontstelden man genaderd was,trok het een klein aarden pijpke boven uit zijn kleed te voorschijn en vroeg hem wat tabak. De boer haalde zijne tabaksdoos uit den zak en liet den Kabouter zijn pijpke stoppen. Terwijl deze nu smakelijk rookte, kon hij hem eens recht goed beschouwen. Hij scheen niet jong meer, want hij droeg eenen ringbaard en had grijze haren. Boer en Kabouter gingen nu een tamelijken afstand langs den weg dien de eerstgenoemde te gaan had, en praatten terwijlen over verschillende zaken. De boer vroeg het ventje of het in den nabijgelegen Kabouterberg woonde, waarop hij ten antwoord kreeg: 'Als gij alles zoo goed kent, dan zult ge dat ook niet mis raden.'
Het Kaboutermanneke vertelde in dien omtrek van ouds bekend te zijn en aan den bouw van den toren te Hapert en te Duisel gewerkt te hebben. Toen het Kaboutermanneke den boer voor den geschonken tabak had bedankt, zei het hem dat hij dien avond maar dapper, zooveel als hij maar lustte, moest rooken, waarna het eensklaps verdween, tot groote verbazing van den Duiselaar. Deze, te huis gekomen, bemerkte dat de tabak in zijne doos niet verminderd was. Hij zei tegen zijne vrouw dat hij haar iets wonders wilde vertellen, maar zij moest het zwijgen.
De vrouw beloofde dit. Toch zweeg zij het gehoorde wonder niet. want spoedig kwamen al de geburen in heur huis om meer van dit geval te vernemen. Het te zwijgen was den boer evenwel geen ernst: integendeel, hij verlangde zijne zoo vreemde ontmoeting bekend te maken. Terwijl hij die aan eene groote menigte toegestroomde nieuwsgierige mannen uit het dorp verhaalde, liet hij alle uit zijne tabaksdoos hunne pijpen stoppen. Zij rookten schier aanhoudend, waardoor er zooveel smoor in het vertrek ontstond dat deur en venster geopend moesten worden. Maar tot aller verbazing was de lekkere tabak in de doos niet verminderd. Nu wist de boer wel, waarom het Kaboutermanneke hem gezeid had er maar dapper en lustig op aan te rooken!

Onderwerp

SINSAG 0051 - Zwerge bauen einen Turm    SINSAG 0051 - Zwerge bauen einen Turm   

Beschrijving

Boer ontmoet kabouter en geeft hem tabak. Onderweg vertelt de kabouter dat hij meegewerkt heeft aan de bouw van een toren. Kabouter bedankt met de woorden dat de boer 's avonds zoveel moet roken als hij kan. Thuis merkt de boer dat de tabaksdoos nog even vol is, wat zo blijft als de buren ook komen roken.

Bron

Willem de Blécourt, Volksverhalen uit Noord Brabant, Utrecht [etc.]: Het Spectrum, 1980. p. 62

Motief

F451.3.11 - Great age of dwarfs.    F451.3.11 - Great age of dwarfs.   

F451.3.4.1.1 - Dwarfs build tower.    F451.3.4.1.1 - Dwarfs build tower.   

F451.5.1.6 - Other gifts from dwarfs.    F451.5.1.6 - Other gifts from dwarfs.   

D1652 - Inexhaustible object.    D1652 - Inexhaustible object.   

Commentaar

1892
Motieven: F451.3.11 Great age of dwarfs; F451.3.4.1.1 Dwarfs build tower; F451.5.1.6 Other gifts from dwarfs; D1652 Inexhaustible object.
OV IV: 115-116, bewerking van 1.23. Bewerking: Biemans 1973: 35-37; Kunst 1972: 5 (no. 18); vgl. Kunst 1968: 12; Rijken 1973a S.S51.4.
2. De archeologie van het vertellen. Verhalen uit de Kempen
Opgetekend, verzameld en bewerkt door Petrus Norbertus Panken. Panken werd geboren te Duizel op 6 september 1819. Hij was vanaf 1840 tot 1863 onderwijzer te Westerhoven en na zijn pensionering brievenbesteller te Bergeik, waar hij op 20 juli 1904 overleed. Hij was een pionier op het gebied van de Noordbrabantse archeologie, daartoe o.a. geïnspireerd door C.R. Hermans (zie Biemans 1977). Een uitgebreide biografie van hem werd geschreven door Hein Mandos (1971). Zijn verhalen werden gepubliceerd in het Tijdschrift voor Noordbrabantsche Geschiedenis, Taal- en Letterkunde (TNG) I (okt. 1883 -okt. 1884) II (okt. 1884-okt. 1885), III (okt. 1885-okt. 1886) en in Ons Volksleven (OV) IV (1892), V (1893). Van de publicaties uit Ons Volksleven verscheen in 1893 een overdruk. Zijn Bergeikse verhalen verschenen bovendien in de Beschrijving van Bergeik (BB), dat hij samen met A.F.O. van Sasse van Ysselt schreef (1900).
Zijn handschriften, waaronder een Autobiografie of Eigen Levensbeschrijving en een dagboek zijn te raadplegen in het streekmuseum Eicha te Bergeik.
Zwerge bauen einen Turm & SINSAG 0071 Die stets gefülte Tabaksdose. Bauer, welcher Zwerg Tabak gibt, bemerkt, dass seine Tabaksdose nicht leer wird

Naam Overig in Tekst

Kaboutermanneke    Kaboutermanneke   

Duisel    Duisel   

Kabouterberg    Kabouterberg   

Hapert    Hapert   

Kabouter    Kabouter   

Naam Locatie in Tekst

Dalem    Dalem   

Plaats van Handelen

Duisel (Noord-Brabant)    Duisel (Noord-Brabant)   

Kloekenummer in tekst

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20