Hoofdtekst
Toen Arie Jacobs in 't begin dezer eeuw het (sinds verbouwd) huis bewoonde dat nu aan Jacob van Moll behoort en ten Noordoosten van de kerk en het kerkhof te Eersel ligt, had hij eene dienstmeid uit dat dorp, aan wie schier dagelijks, als zij in den vroegen avond de beesten in den stal molk, tot hare groote ontsteltenis, een geest sprakeloos verscheen. Nadat zij den pastoor hiervan onderricht had, gaf deze heur den raad dat zij bij eene volgende verschijning den geest zou vragen, wat hij verlangde. Het spook, hierover aangesproken, antwoordde dat het hare moeder was, en verzocht daarop nog eene mis voor hare ziel te laten lezen. Dit werd natuurlijk beloofd en volbracht. Zoodra de schim der moeder de belofte gehoord had, verdween zij plotseling voor altoos en liet het afdruksel harer hand in die harer dochter geprent. Deze laatste durfde evenwel hare hand niet aan hare moeder toereiken, dan met eenen doek omwonden, door denwelken nochtans het merk der spookhand was gedrongen.
Op verzoek der meid en der huisgenooten, had de pastoor zich vóór den tijd dat de geest gewoonlijk verscheen, in het huis van Jacobs begeven, zoodat hij er tijdens de laatste verschijning tegenwoordig is geweest. Ook zou het op zijnen raad geweest zijn dat de verschrikte meid hare hand met eenen doek omwond.
Onderwerp
SINSAG 0402 - Die versäumte Wallfahrt (Messe, Gabe)   
Beschrijving
Bron
Motief
E328* - Dead returns for something forgotten.   
E542.1 - Ghostly fingers leave mark on person‘s body.   
Commentaar
OV IV; 216- 217. Bewerking: Sinninghe 1933: 63-64 (no. 82); Biemans 1973: 58-59; vgl. Kunst 1972: 8-9 (no. 28). S.S402.5; LS C126 (zie 2.65).
2. De archeologie van het vertellen. Verhalen uit de Kempen
Opgetekend, verzameld en bewerkt door Petrus Norbertus Panken. Panken werd geboren te Duizel op 6 september 1819. Hij was vanaf 1840 tot 1863 onderwijzer te Westerhoven en na zijn pensionering brievenbesteller te Bergeik, waar hij op 20 juli 1904 overleed. Hij was een pionier op het gebied van de Noordbrabantse archeologie, daartoe o.a. geïnspireerd door C.R. Hermans (zie Biemans 1977). Een uitgebreide biografie van hem werd geschreven door Hein Mandos (1971). Zijn verhalen werden gepubliceerd in het Tijdschrift voor Noordbrabantsche Geschiedenis, Taal- en Letterkunde (TNG) I (okt. 1883 -okt. 1884) II (okt. 1884-okt. 1885), III (okt. 1885-okt. 1886) en in Ons Volksleven (OV) IV (1892), V (1893). Van de publicaties uit Ons Volksleven verscheen in 1893 een overdruk. Zijn Bergeikse verhalen verschenen bovendien in de Beschrijving van Bergeik (BB), dat hij samen met A.F.O. van Sasse van Ysselt schreef (1900).
Zijn handschriften, waaronder een Autobiografie of Eigen Levensbeschrijving en een dagboek zijn te raadplegen in het streekmuseum Eicha te Bergeik.
Naam Overig in Tekst
Arie Jacobs   
Jacob van Moll   
Noordoosten   
Jacobs   
Naam Locatie in Tekst
Eersel   
Plaats van Handelen
Eersel (Noord-Brabant)   
Kloekenummer in tekst
K220p   
