Hoofdtekst
Zoo is Brabant gelijk aan een purper groen tapijt, door de handen van Gods Moeder geweven tot een schoon stuk der schepping, omdat Zij Haren zegen overal heeft doen dauwen over de menschen, die er lijk eenen bussel bloemen prijken onder de Zon van ‘t heilig Geloof.
Zoo loopt doorheen dit heele tapijt de guldene draad der fonkelende Mariadevotie, en hangt dit gansche weefsel van land en volk om de schouders der Moeder Gods, die de eeuwen door Brabant gedragen heeft over rechte wegen en waarheid.
Zoo blinken op dezen mantel de heiligdommen als ridderlijke eereteekenen, waaromheen de wondere vertelsels gloeien lijk wisselende stralen, duizenderlei.
Ieder geslacht verrijkt Haren tooi mee de vorstelijke gave zijner zielen, die als van licht-wemelend brokaat Maria’s Brabantschen mantel omsieren.
Van de ridderlijke eereteekenen heeft Onze Lieve Vrouw ‘n heel schoon verloren!
Toen de luisterrijke heerlijkheid van Breda, waar Mark en Weerijs wedijveren om den sierlijksten bocht rond burchten en ranke beukeboomen, om ter felst door de Spanjaarden tegen de Oranjes en den koenen Maurits wierd begeerd, was zij tegelijkertijd een liefderijk omstreden bezit tusschen de Moeder van ons Heer en Barbara de Heilige.
Want Barbara, die van eenen heidenschen vader, tot de heilige waarheid was bekeerd en onder Maximus in ‘t jaar 306 den smartvollen marteldood gestorven was, had van Ons Heer de vrijheid gekregen om gevangenen en soldaten mee hemelsche versterkingen bij te staan.
De Moeder Gods, die tot den allerlaatsten mensch van deez’ wereld Middelaresse wil blijven tusschen den rechtvaardigen God en de zwakke zielen, en die ook Breda binnen in Haren veiligen mantel als kleinood had gehangen, zoodat de menschen de warmte gewaarden van Hare Bijstand, droeg daaromtrent eenen hemelschen naijver tegen Sinte Barbara, die gedurig waakte boven Mark en Weerijs.
Barbara wist van de perikelen die komen zouden over deez’ heerlijkheid, van de duizenden soldaten tot op den dag van vandaag, en van de moordpartijen onder het Spaansch Bewind.
Maar beiden zegenden om ter mildst de menschen der gansche heerlijkheid, zoodat velen niet wisten wie Patronesse der stad mocht heeten, en de lieden in ‘t verloop der tijden den bouw voltrokken van de twee voortreffelijke kerken, die nog altijd wijd uitsteken boven de Baronie, de Lieve Vrouwe en de kathedraal aan de haven, waar de roem werd bezongen van Barbara de heilige.
Doch tusschen de tijden van 1568-1637 toen in negen en zestig jaren de stad Breda drie keeren in handen der Spaanschen viel en drie maal daaruit wierd verlost, toen er langs de boorden van de Mark veel menschenbloed in ‘t water sijpelde, terwijl binnen de stad de Geuzen tegen de Roomschen vochten, moest de Moeder Gods Haren onbeperkten zegen berouwen.
Want velen van de stad wierden trouweloos in hun geloof en hingen de ketterschen aan. Haar goddelijk Moederschap wierd er geloochend, zoodat de haar gewijde kerk in handen kwam der Hervormers.
Er is een stichtelijke legende, die zegt, hoe Maria op dien dag tegen Sinte Barbara klaagde:
“Als ze mij noodig hebben kunt ge mij roepen, want ik zou gaarne blijven in deez’ voortreffelijke stad, maar als patronesse zijt gij nu beter. Want gij zijt groot gebracht onder de heidenen en de barbaren, zoodat ge de roerselen van zoo’n menschengemoederen degelijk kent. Daarbij, uw naam past schoon, Barbara.
Misschien krijg ik mijn heiligdom binnen korten tijd weer terug……”
En van haren Brabantschen mantel viel een der schoonste parels, gelijk er nadien nog velen verloren gingen in donkere tijden.
Maar de meesten fonkelen even hel als eeuwen geleden.
Temidden van de duistere wereld moet dat een schoon gezicht zijn voor Haren
Goddelijken Zoon, die Brabant daarom mee genegenheid beschouwt.
Vele landen weefden Maria ieder eenen kostelijken mantel van volksvereering, maar voor den Brabander is Maria het schoonst als de hemelsche Hertogin van dit oud ridderlijk gewest.
Beschrijving
Bron
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Onze Lieve Vrouw   
God   
Moeder   
Maria   
Brabantsche   
Brabantse   
Mark   
Spanjaard   
Maurits   
Heer   
Barbara   
Maximus   
Spaansch   
Spaans   
Lieve Vrouw   
Geuzen   
Roomse   
Hervormer   
Naam Locatie in Tekst
Brabant   
Breda   
Weerijs   
Oranje   
Baronie   
Plaats van Handelen
Breda (Noord-Brabant)   
Kloekenummer in tekst
K160p   
