Hoofdtekst
Een jaar of wat geleden hebben ze het klooster afgebroken tenminste een gebouw, dat vroeger een klooster is geweest. Dat gebouw tegenover de hervormde kerk. Op een gegeven ogenblik zakten de mensen door de vloer. Daar zat zo'n groot gat, dat ze er twee volle schuiten zand in moesten gooien. De mensen zeggen dat daar een onderaardse gang heb gelopen.
Onderwerp
SINSAG 1236 - Der unterirdische Gang. Belagerte entkommen.   
Beschrijving
Men denkt dat er onder een klooster zich een onderaardse gang bevond. Nadat er mensen door de vloer gezakt waren, kwamen zij namelijk in een groot gat terecht.
Bron
Kooijman, Henk: Volksverhalen uit het grensgebied van Zuid-Holland, Utrecht, Gelderland en Noord-Brabant. Amsterdam 1988. p. 82
Motief
F721.1 - Underground passages.   
