Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

DYKFRIES2123

Een sage (boek), 1896

Hoofdtekst

Nog in het begin der negentiende eeuw woonde te Herbaijum bij Franeker een oudsoldaat, die wijd vermaard was als wonderdokter. Hij was nog een ouderwetsche soldaat van vóór den tijd van den gedwongen krijgsdienst, toen allerlei gespuis, vreemd en eigen, dienst nam. Ruw van zeden en zeer onbehagelijk van voorkomen, sprak hij daarenboven een gebroken Duitsch, voor eenvoudige lieden nauwelijks verstaanbaar. Dit een en ander was voldoende om velen ontzag, ja, vrees in te boezemen voor den geheimzinnigen bullebak, dien men daardoor ook voor een duivelskunstenaar hield. Men zeide dat hij zijn roem als wonderdokter verworven had, toen hij nog als landlooper rondzwierf. Volgens de gewoonte dier dagen verzocht en verkreeg hij op zekeren avond nachtverblijf bij een boer. Daar vernam hij spoedig dat de vrouw des huizes kreunende te bed lag. Op zijn vragen werd hem geantwoord, dat de vrouw reeds lang had gesukkeld met een kraambeen. De boer had daar veel geld aan verdokterd, maar geen baat gevonden. En nu was het zoover gekomen, dat het been moest worden afgezet. Den volgenden dag zouden professoren van Franeker dat werk komen uitvoeren. De oudsoldaat vroeg den boer of deze er ook nog iets voor over zoude hebben, ingeval het afzetten voorkomen kon worden. — «Wel zeker heb ik dat!» zeî de boer, «daar zoude ik nog gaarne mijne beste koe aan opofferen.» — «Misschien moet het daar wel toe komen,» zeî de soldaat, «heb je bij geval eene koe op stal, die binnen kort moet kalven?» — «Jawel.» — Nu, die koe moest levend worden opengesneden, het ongeboren kalf er uit genomen, ook opengesneden en om het zieke been gelegd. De boer zeî: «Het is wel afgrijselijk, maar ik heb er reeds zooveel vruchteloos aan ten koste gelegd, dit moet ook gebeuren.» Alles geschiedde met den meest mogelijken spoed. En toen des anderen daags de professoren kwamen, stonden zij verbaasd over de verandering ten goede, die het been had ondergaan. De amputatie kon voorloopig worden uitgesteld. Jawel! het been beterde van dag tot dag en was tamelijk spoedig volkomen genezen. Sedert dien tijd bleef de oudsoldaat als wonderdokter te Herbaijum. Als iemand den oudsoldaat kwam raadplegen, was de man bijna altijd voor eenige oogenblikken afwezig. Eene oude huishoudster bracht den bezoeker dan in een wachtkamertje en hield hem aan de praat, door allerlei vragen omtrent den toestand van den patiënt voor wien hij kwam. Na verloop van eenigen tijd kwam de dokter, zoo 't heette, tehuis en wist reeds alles wat de man wilde vertellen. Menig onnoozele bloed was dan geheel verbazing en ontzetting, om zich aldus in de onmiddellijke nabijheid en onder den invloed van een vertrouwde des duivels te bevinden. Maar sommigen mompelden, dat de dokter aan de andere zijde van een dun beschot het gesprek had zitten af te luisteren. — Tusschen 1840 en 1850 reisde in de omstreken van Franeker nog eene landloopster, die voorgaf eene dochter van den oudsoldaat van Herbaijum te zijn. En dit beweren legde haar geen windeieren.

Beschrijving

In Herbaijum woonde een oud-soldaat die bekend stond als duivelskunstenaar. Hij had ooit een boerin geholpen die een kraambeen (afgesloten ader in een been, in de eerste zes weken na een bevalling) had. Het been zou afgezet worden. De oud-soldaat beweerde dat dit nog voorkomen kon worden: de boer moest van een drachtige koe het kalf uit de buik snijden en dit om het zieke been leggen. Het been genas snel en hoefde niet meer geamputeerd te worden.
Als iemand bij hem om advies kwam, liet de oud-soldaat altijd even op zich wachten. Een huishoudster liet de patiënt binnen en vroeg naar diens klachten. Als de oud-soldaat later binnenkwam, wist hij al waar de patiënt voor kwam. Boze tongen beweren dat hij aan de andere kant van de muur het gesprek tussen huishoudster en patiënt afluisterde.

Bron

Waling Dykstra: Uit Friesland's volksleven van vroeger en later: volksoverleveringen, volksgebruiken, volksvertellingen, volksbegrippen. Leeuwarden [1896], deel 2, 177-179

Commentaar

Onderdeel van het hoofdstuk "Duivelskunstenaars".

Naam Locatie in Tekst

Franeker    Franeker   

Herbaijum    Herbaijum   

Plaats van Handelen

Herbaijum    Herbaijum   

Kloekenummer in tekst