Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

DYKFRIES2136

Een sage (boek), 1896

Hoofdtekst

Op het Schavernek te Leeuwarden heeft, gelijktijdig en nog na Akke eene dergelijke vrouw geleefd en gewerkt. In het gehucht Nieuwebrug ten noorden van Heerenveen woont nog eene waarzegster, niet minder vermaard, zeker ook niet minder bekwaam, dan in haar tijd Akke van 't Vliet, en alzoo eene waardige opvolgster van deze. Zij wordt dan ook steeds Hinke Kaart genoemd, welken naam zij zich laat welgevallen, want zij is de vriendelijkheid zelve. Evenals Akke, en vooral als de vrouw op het Schavernek, ontvangt Hinke wel bezoek van aanzienlijken. Zij is gehuwd en haar man speelt, wanneer het soms te pas komt, wel de rol van handlanger. Haar eenvoudige doch knappe woning staat aan den grooten weg. Het is schemeravond. Twee meisjes, beide met het voorschoot om het hoofd geslagen, schijnbaar voor den tocht, maar werkelijk omdat zij zich wat schamen, sluipen de huisdeur in. Zoodra de bezoeksters het doel harer komst hebben te kennen gegeven, wordt het licht ontstoken. Alles in het vertrek ziet er, evenals de vrouw zelf, proper uit; zij is het beeld eener zindelijke arbeidersvrouw, maar ter dege bespraakt. Hinke gaat zitten bij de tafel en de meisjes worden verzocht tegenover haar plaats te nemen. Uit de tafellade haalt Hinke een spel kaarten van 32, en terwijl zij dit met verwonderlijke vlugheid schudt, verzoekt zij met ernstigen aandrang, dat op alles wat zij zal vragen naar waarheid worde geantwoord, omdat liegen haar werk geheel kan verijdelen.
Nu is echter slechts een dezer meisjes gekomen om te worden ingelicht omtrent de toekomst. De andere is meegegaan voor gezelschap. Sytske heeft de drie kruisjes reeds op den rug. Zij dient voor huishoudster bij een winkelier op een dorp in de nabijheid, waar zij reeds als meid in dienst kwam, toen de vrouw des huizes nog leefde. In die dagen had de meid een vrijer, dien zij gaarne mocht lijden, vooral omdat hij tien pondematen goed land in eigendom had; dat hij wat stijf en houterig was en geen slag van praten had, dit beviel haar minder. Toen de vrouw overleed was Sytske reeds zoo bekwaam in het bedienen van den winkel, dat de baas haar gaarne in zijn dienst hield, ook met verhooging van loon. De toon op welken hij dit te kennen gaf, maakte op Sytske den indruk alsof er iets meer achter stak en dat hij misschien na verloop van tijd haar wel tot vrouw zou willen nemen. Om dit in de hand te werken, maakte zij terstond aan de vrijerij met Japik een einde. Er verliep een jaar en nog een, maar de baas, die ook wel twintig jaar ouder was dan zij, scheen aan niets minder te denken dan aan een huwelijk met Sytske. Zij, dit begrijpende, wenschte nu wel weer de verkeering met Japik te hernieuwen. Eens in de week kwam hij bij haar in den winkel een halfpond tabak halen, en zij trachtte hem nu met vriendelijke woorden en glimlachjes hare bedoeling te doen begrijpen. Maar hij begreep niets, althans naar 't scheen; hij was steeds kort van stof en vertrok zoodra hij bediend was. Zij schreef dit aan zijne stugheid toe; inderdaad was het schroomvalligheid. Zij was hem reeds verder dan op halfweg tegemoet gekomen, iets wat eigenlijk voor een meisje niet betaamt, maar wenschte toch nog wel verder te gaan, indien zij slechts eenige zekerheid had. Ter verkrijging daarvan besloot zij eindelijk Hinke de waarzegster te raadplegen. Maar alleen de geheimzinnige vrouw te bezoeken, hier zag ze tegen op. Vandaar dat een harer vriendinnen haar vergezelde.
Of de vriendelijke praatzieke waarzegster op de hoogte is van Sytske’s geschiedenis? Zij verzoekt het meisje eene kaart te trekken. Zij spreekt nu eene soort onzuiver Hollandsch, meest gelijkende naar Stadfriesch, want de dagelijksche volkstaal is voor hare kunst te onheilig. — Sytske trekt de hartenaas. — «Het huis» zegt Hinke, «nu maar weer». — De tweede kaart is de klaverheer. — «Dit lijkt ook goed; nu nog een derde.» — Hierop wordt de hartentien getrokken; «dit is de volle trouw,» zegt de waarzegster. De getrokken drie kaarten worden weer tusschen de andere gestoken, het spel opnieuw geschud en vervolgens de 32 kaarten in vier rijen van acht op de tafel gelegd. Nu zit Hinke eene poos met een ernstig gelaat op de kaarten te turen, terwijl Sytskes geheele aandacht op haar gevestigd is. Hinke breekt het zwijgen af: «Nu kan ik je verklaren dat ik in lang niet iemand hier heb gehad, die zoo blier (vriendelijk, lieftallig, aanminnig) in de kaart ligt.» — Op Sytskes vraag, wat dit beteekent, is het antwoord: «Zie maar hier. De hartenvrouw — die zijt gij — ligt daar, en op dezelfde rij de klaverheer. Nu is het duidelijk dat uw beider levensweg dezelfde is. Klaverheer is iemand met donkere oogen, die veel over u peinst. Vreesde hij niet eene weigering, er zou u binnen kort een huwelijksvoorstel worden gedaan. Tot een huwelijk moet het eenmaal komen; zie maar: tusschen de klaverheer en de klavervrouw ligt «de volle trouw.» — «Het huis» ligt naast de klaveracht en dit beteekent, dat gij met uwen aanstaande niet ver van het water zult wonen. Hij is een bedaard persoon, die de eerste jeugd reeds achter den rug heeft. Er verloopen nooit twee zondagen zonder dat gij hem spreekt. Hij is niet geheel onbemiddeld en gij zult met hem voorspoed hebben, want gij (de hartenvrouw) ligt vóór «geld en goed». Ook voor het overige zult gij gelukkig met hem leven.» — Sytske betaalt de waarzegster, en met haar vriendin weer buiten zijnde zegt ze: «Nu, als we dan toch voor mekaar in de wieg zijn gelegd, moet het ook maar spoedig gebeuren.» Niet onduidelijk geeft zij verder te kennen, des noods zelf het huwelijksaanzoek te zullen doen. — Een half jaar later was zij, naar ik vernomen heb, reeds met Japik getrouwd.

Beschrijving

In Nieuwebrug woonde waarzegster Hinke, die Hinke Kaart genoemd werd. Op een avond bezoeken twee vrouwen haar voor advies. Sytske is huishoudster bij een winkelier. Ze heeft lange tijd een vrijer gehad, Japik, maar toen de vrouw van de winkelier waar zij diende overleed en de winkelier haar liet weten dat hij graag wilde dat ze bij hem in dienst bleef, dacht ze kans te maken op een huwelijk en heeft ze de verkering met Japik uitgemaakt. De winkelier blijkt echter geen trouwplannen te hebben en Sytske probeert de banden met Japik weer aan te knopen. Japik zoekt echter geen toenadering. Sytske wil weten of ze nog openlijker kan zijn tegen Japik en vraagt daarom om advies. Haar vriendin is mee omdat Sytske ertegen opzag alleen naar de waarzegster te gaan. Waarzegster Hinke zegt Sytske op alles eerlijk te antwoorden en leest de kaarten. De kaarten zijn gunstig en voorspellen een goed huwelijk tussen Sytske en Japik. Een half jaar later is het stel getrouwd.

Bron

Waling Dykstra: Uit Friesland's volksleven van vroeger en later: volksoverleveringen, volksgebruiken, volksvertellingen, volksbegrippen. Leeuwarden [1896], deel 2, 183-186

Motief

D1712 - Soothsayer (diviner, oracle, etc.).    D1712 - Soothsayer (diviner, oracle, etc.).   

Commentaar

Onderdeel van het hoofdstuk "Duivelskunstenaars".

Naam Overig in Tekst

Stadsfries    Stadsfries   

Akke van 't Vliet    Akke van 't Vliet   

Hinke Kaart    Hinke Kaart   

Sytske    Sytske   

Japik    Japik   

Naam Locatie in Tekst

Hollands    Hollands   

Schavernek    Schavernek   

Leeuwarden    Leeuwarden   

Nieuwebrug    Nieuwebrug   

Heerenveen    Heerenveen   

Plaats van Handelen

Nieuwebrug    Nieuwebrug   

Kloekenummer in tekst