Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

ENGELS000705 - Reuzen

Een sage (mondeling), woensdag 09 mei 1962

Hoofdtekst

Reuzen:
Twee reuzen groeven vroeger de Maasbedding. Het waren zwijgzame kerels. Eén der mannen keek van zijn werk op, en zei: “Kiek ens, dao vluugt ein kraon!” De ander antwoordde niet. Een paar jaar werd er geen woord gewisseld. Toen zei de andere: “Ich gluif, det et gén kraon waas. Waas et gén èèngerst?” De eerste antwoordde: “Ich sjei d’r oet! De gansen tied mer det gewauwel!” Men deed er verder het zwijgen toe. De heuvels aan de Oostkant ontstonden, doordat de reuzen zich daar ’s avonds de klompen afschraapten.

Onderwerp

TM 2601 - Hoe het dorp (de stad, heuvel, straat, een plek of het stuk land) aan z'n naam is gekomen    TM 2601 - Hoe het dorp (de stad, heuvel, straat, een plek of het stuk land) aan z'n naam is gekomen   

Beschrijving

Na opmerking van een reus geeft de ander na een jaar antwoord, waarop de eerste zegt dat de ander te veel praat. Ontstaan van heuvels doordat reuzen het zand van klompen hebben geklopt.

Bron

Collectie Engels, verslag 7, verhaal 5 (Archief Meertens Instituut)

Naam Overig in Tekst

Maas    Maas