Hoofdtekst
Voorteken:
Een oude man vertelde me eens, dat de priester, als hij aan het altaar zich naar de gelovigen keerde, voor het uitspreken van de bede: “Orate Fratres”, altijd zijn ogen neergeslagen hield.
Zou hij deze op de gelovigen vestigen, dan zou hij iedere zondaar moeten kennen, want ieder zou een bijenkaar op zijn hoofd hebben!
Een oude man vertelde me eens, dat de priester, als hij aan het altaar zich naar de gelovigen keerde, voor het uitspreken van de bede: “Orate Fratres”, altijd zijn ogen neergeslagen hield.
Zou hij deze op de gelovigen vestigen, dan zou hij iedere zondaar moeten kennen, want ieder zou een bijenkaar op zijn hoofd hebben!
Beschrijving
Priester kijkt bij aanvang van gebed gelovigen nooit aan, want hij herkent zondaars aan een bijenkorf op hun hoofd.
Bron
Collectie Engels, verslag 7, verhaal 14 (Archief Meertens Instituut)