Hoofdtekst
Op een mooie meidag morgen stonde al de mensen van het eenvoudige dorpje met grote ogen van verbazing te kijken naar iets dat zij nog nooit gezien hadden. Zij, die het eerst van de schok bekomen waren, renden gillend naar het dorp om het grote nieuws te vertellen. Het was een verwarring van jewelste. “Maar wat is er dan toch?” vroegen ze in het dorp. Toen vertelde een van hen “gisterenavond zijn wij er nog voorbij gekome als wij van het lof kwamen. Er was toen niets te zien als de Peel en vanmorgen in alle vroegte stond me daar een groot kasteel met geen enkel venster erin”. Zo vertelden de Bakelaars het in alle omliggende dorpen. Daar waren oude vrouwkes die spraken van spoken en weerkerende geesten, van dwaallichtjes en kransen om de maan en iedereen was bang. Maar het kasteel bleef er staan, hecht en sterk met torens en kantelen maar met geen enkel venster.
Stilaan raakten de mensen er aan gewoon dat het kasteel er stond. Ze hadden andere bezigheden dan de helen dag te staan kijken naar een kasteel waar nooit iemand inkwam of uitkwam, waar niets bewoog en waar geen enkel venster in was. Niemand keek er meer naar om. Als het echter avond werd waren de mensen toch wel bang en zelfs de dappersten durfden het niet aan dan er langs te gaan.
Toen op een dag de oude weduwe van Peerkes Leges ziek werd juist op de dag voor de wekelijkste was. Ze was daar zeer bedroefd over. Alles had ze al gereed gelegd in de mand om die naar de Bakelse Aa te dragen. Ze had zelfs haar boterhamen niet vergeten en deze boven op de mand wasgoed neergelegd. En nu was ze ineens ziek. Zorgelijk lag ze in haar beddekoets en sliep al prakkiserend in. De volgende morgen toen haar dochtertje trekke haar moeder een kanneke melk kwam brengen om bed, zag ze de hele was netjes gewassen, gesteven en gestreken op stapeltjes in de mand liggen. Alleen de boterhammen waren weg. Iedereen was verbaasd in het dorp over dit vreemde voorval maar niemand kon het verklaren. Zo gebeurde het met meer vrouwen uit het dorp. Iedere avond zetten deze de mand met wasgoed voor hun deur, legde daar een pakje boterhammen op en de volgenden dag was alles netjes.
Natuurlijk woonde er in Bakel ook een zeer nieuwsgierige vrouw die Hanne van de Zandweg werd genoemd. Zij kon het maar niet verkroppen dat niemand wist hoe dat kasteel zomaar ineens uit de grond verrezen was en vooral dat in de nacht zo vreemde dingen gebeurden waar zij geen weet van had. Voor haar stond het vast dat met al die vuile was die ‘s nachts gewassen werd dat kasteel iets te maken moest hebben.
Op een avond zette ook zij daarom een mand met vuil wasgoed voor haar deur met natuurlijk een pakje boterhammen er bovenop. Maar zelf kroop ze niet in bed maar in de stal om van daaruit te zien wat er zou gaan gebeuren. Zij wachtte en wachtte. De klok sloeg tien, de klok sloeg elf en toen na weer een poos van ongeduldig wachten klonken van verre twaalf zware slagen uit de toren van de kerk, het was nu middernacht. Het hele dorp sliep behalve de maan die vanuit de donkere wolken in onze hemel, de donkerte tot in de hoeken en gaten in het land wegdreef, zodat de bomen en de stuiken maar ook de huizen goed te zien waren. Ook het kasteel was goed te zien. Der was er nog een die niet sliep en dat was Hanna, die met grote ogen in de lichte maannacht staarde.
Opeens zag zij, toen de laatste van de twaalf slagen gevallen was wel twintig kleine vrouwkes uit het vensterloze kasteel komen lopen. Ze liepen achter elkaar zonder iets te zeggen met vlugge dribbelpasjes naar haar huisje. Hanna kreeg oude, kreeg koude rillingen doch ze bleef kijken. Bij haar huisje gekomen grepen de vrouwtjes met z’n alle haar wasmand en trippelde toen snel in alle stilte in de richting van het kasteel. Hanna bleef wachten. Precies om een uur kwamen de vrouwkes terug, zetten de mand met was weer voor haar deur en verdwenen toen weer in het kasteel zonder vensters. Nu wist Hanna alles en ging slapen.
De volgende morgen vertelde zij aan ieder die maar naar haar luisterde wilde, en dat waren er velen, wat ze allemaal gezien en beleefd had. Binnen een dag wisten ook de mannen het geheim dat de vrouwen steeds bewaard hadden. Iedereen was nu ineens verschrikkelijk nieuwsgierig gemaakt en iedereen wilde op zijn beurt de vrouwkes zien.
De volgende nacht had iedere vrouw in Bakel een mand met vuil wasgoed voor haar deur gezet met een pakje boterhammen, maar achter iedere staldeur zaten de mensen verscholen om te zien wat er gebeuren zou. De mensen wachtten en wachtten en toen, na heel lang wachten sloeg de klok, net als de nacht tevoren, twaalf zware galmende slagen. Doch bij de laatste slag gebeurde er niets, helemaal niets. Of toch wel? Maar dat wisten de Bakelaars pas de volgende morgen nadat allen zich verslapen hadden.
Toen de mensen naar buiten kwamen stonden overal nog precies als de avond tevoren de manden met wasgoed, maar de was was nog even vuil, de boterhammen waren weg maar ook het kasteel was verdwenen. Er was niets meer te zien. Geen steen was blijven liggen. Zo werden de mensen in Bakel gestraft om hun nieuwsgierigheid en dat zijn ze nooit vergeten.
Onderwerp
SINSAG 0063 - Die hilfsbereiten Zwerge arbeiten in der Nacht für die Menschen für Nahrungsmittel (Tabak, Geld)   
Beschrijving
Een paar dagen later werd er een vrouw ziek en kon haar was, die ze de voorafgaande avond samen met haar boterham klaar had staan, niet wassen. Haar dochter die haar wat melk kwam brengen zag echter dat de was gewassen en gestreken was en de boterham weg was. Zo kwam het dat meerdere vrouwen hun vuile was klaarlegden met een pakje boterhammen en zelf de was niet meer hoefden te doen.
Er was echter een vrouw die erg nieuwsgierig was en op een avond bleef kijken naar haar vuile was die ze klaar had gelegd. Om middernacht zag ze allemaal kleine vrouwtjes uit het kasteel komen, haar vuile was pakken en een uur later weer terugkomen met de nu schone was.
Ze vertelde dit verhaal aan haar dorpsgenoten en de volgende dag waren de vrouwtjes samen met het kasteel verdwenen.
Bron
Motief
C311.1.5 - Tabu: observing supernatural helper.   
F771 - Extraordinary castle (house, palace).   
Naam Overig in Tekst
Bakelaars   
Peerkes Leges   
Naam Locatie in Tekst
Bakel   
de Peel   
Bakelse Aa   
Plaats van Handelen
Bakel (Noord-Brabant)   

