Hoofdtekst
As 't vijf december was, dan wier d'r vroeger in de herberg gedobbeld om speculaaspoppe. Maar dat is nou verboje bij de wet. 's Aves ginge in de regel de kindere rond met de poverpot, de rommelpot. Dat maakte een zoemend geluid. D'r was veul armoei toen, de baze van 't werk wazze ok de baas van de winkels. De kindere prebeerde zo wat snoep of geld op tehale. Ze zonge dan:
Ik heb zo lang met de poverpot gelope
Nog geen duitje om brood te kope
Poverpotterij
Poverpotterij
Geef mij een duitjie, dan ga ik voorbij.
De arme stumpers! Gelukkig is dat nou voorbij. Gelukkig ok dat ophale van centjies deur de arme met nieuwjaar. Daar stond dan een bakkie met cente klaar, daar krege ze d'r een paar van. Bij de zogenaamde elite. Een droevig gezicht. Maar dat is nou allemaal gelukkig verleje tijd.
Ik heb zo lang met de poverpot gelope
Nog geen duitje om brood te kope
Poverpotterij
Poverpotterij
Geef mij een duitjie, dan ga ik voorbij.
De arme stumpers! Gelukkig is dat nou voorbij. Gelukkig ok dat ophale van centjies deur de arme met nieuwjaar. Daar stond dan een bakkie met cente klaar, daar krege ze d'r een paar van. Bij de zogenaamde elite. Een droevig gezicht. Maar dat is nou allemaal gelukkig verleje tijd.
Beschrijving
Met Sinterklaas dobbelen om speculaaspoppen in herbergen; kinderen liepen met de rommelpot; armen gingen op nieuwjaarsdag langs de deur om centen.
Bron
Henk Kooijman: Volksverhalen uit het grensgebied van Zuid-Holland, Utrecht, Gelderland en Noord-Brabant. Amsterdam 1988.
Plaats van Handelen
Ammerstol   
