Hoofdtekst
Een broer van me vader, hè, die is lang thuis geweest. En die heb me wel is verteld, z'n grootmoeder die had een dienstbode, Janna de Heus. Die Janna de Heus, die heb d'r wel is verteld, ze had gediend bij ene Willem de Jong hier in Achtersloot. En die Willem de Jong, nou die ging ok wel is met de duvel om. Op een avond toen zatte ze met vrinde te kaarte. Toen viel d'r een kaart op de grond. Een van de kaarters die wou z'n eige bukke om de kaart op te rape. Maar toen riep die: ,Jonges, de duvel zit onder de tafel!" Toen riep Willem de Jong die dienstbode. "Kom jij die kaart is oprape!". Nou, Janna de Heus kwam met angst en beve uit het achterhuis. Zij van achtere vandaan en die kaart opgeraapt en toen zag ze zuiver een paardepoot onder de tafel.
Onderwerp
SINSAG 0904 - Der vierte Mann. Teufel als Kartenspieler erkannt am Bocksfuss (Pferdefuss).   
Beschrijving
De grootmoeder van mijn vader, die had een dienstbode die Janna de Heus heette. Zij had ook gediend bij Willem de Jong in Achtersloot, en die Willem ging met de duivel om. Op een avond zaten ze met vrienden te kaarten toen er een kaart op de grond viel. Iemand wilde de kaart oprapen, maar toen riep hij: "Jongens, de duivel zit onder de tafel!" Willem de Jong riep de dienstbode om de kaart op te rapen en toen zag zij een paardenpoot onder de tafel.
Bron
Kooijman, Henk: Volksverhalen uit het grensgebied van Zuid-Holland, Utrecht, Gelderland en Noord-Brabant. Amsterdam 1988. p. 165-166
Commentaar
Een paardenpoot was een van de kenmerken van de duivel.
Naam Overig in Tekst
Janna de Heus   
Willem de Jong   
Naam Locatie in Tekst
Achtersloot   
