Beschrijving
(a) Twee soldaten zijn hun geslachtsdelen kwijtgeraakt. (b) Een van hen wordt knecht bij een boer maar deze stuurt hem met een hengst weer weg als blijkt dat hij niet met diens dochter kan trouwen. (c) Hij (een van hen) geeft een fee brood, (c1) helpt een oud vrouwtje, en mag een wens doen [F341, N825.3, D1761.0.2.2]. (d) Hij wenst zijn geslachtsdeel terug, (d1) net zulke geslachtsdelen als zijn paard, (e) en trouwt hierop met de boerendochter, (e1) wordt boer. (f) Hij licht zijn vriend in die een paard meeneemt en nu ook de fee brood geeft (oude vrouw helpt). Hij wenst zich (ook) dezelfde geslachtsdelen als dit dier, maar ontdekt te laat dat het een merrie is [J2073].
Subgenre
sprookje
Literatuur
Dorson 1967 343-344
cf. Hoffmann 1973 272 X735.1.3
Legman 1975 619
Randolph 1976 63
Mc Cosh 1979 265.

