Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

VDK 0910Z    VDK 0910Z   

- De doos die wonderen deed

Een sprookje (),

Beschrijving

(a) Een boer en boerin, (a1) hardwerkende boer, (a2) weduwe, die een grote boerderij heeft, (b) beklagen (beklaagt) zich bij de pastoor, (b1) zijn broer, (b2) een vriend, het gaat niet goed met de boerderij. (c) Zij denken (denkt) dat er hekserij in het spel is. (d) Hij geeft een doosje met een relikwie (botje) erin, (d1) zijn wandelstok, (e) dat (die) zal wonderen doen, (f) maar eerst moet alles tip top in orde gemaakt. (g) De boerin (hij) moet hiermee dagelijks de hele boerderij door gaan; (g1) hij raadt haar om dagelijks 3 keer om de boerderij te lopen. (h) Hij (zij) doet dit en door de hernieuwde ijver en/of het vrebeterde toezicht op het personeel loopt weldra alles weer gesmeerd. (i) De pastoor (vriend) opent later het doosje: er zit een onnozel stukje hout in, (i1) een briefje: kijk goed uit en kontroleer alles, anders lopen de mensen over je heen; (i2) de broer onthult later dat zijn wandelstok maar een gewone stok is [J21, J21.23].

Subgenre

sprookje

Literatuur

Cammann & Karasek 1978 169
Merkens 1892 257, 315
Moser-Rath 1965 59, (384)
E. Moser-Rath, in: EM III 612, 614
Rehermann 1977 172, 414
H. Wolf, in: Brückner 1974 739-740.