Beschrijving
(a) Magistraten, (a1) inwoners, (a2) reuzen, (a3) een gezelschap, (a4) poep, zittend bij een vuur (kachel), krijgen (krijgt) het steeds warmer, (b) van (in) Dokkum, (b1) een dorp, (c) Om het vuur te temperen leggen ze er (telkens als het weer te heet wordt) koude turven om, (c1) nieuw hout op. (d) Ze komen (hij komt) er pas toe achteruit te schuiven als een hond, (d1) kat, die ook bij het vuur ligt, het goede voorbeeld geeft. (e) Sindsdien heet dat dorp Koudum (fries kâld-om, koude (in dit geval turven) er omheen; vgl. ook de associatie met fries kou-dom, zo dom als een koe) [cf. J2104].
Subgenre
mop
Literatuur
Sinninghe 1943 35 nr. 1325*.

